Evaluatie stelselvernieuwing agrarisch natuurbeheer is gebaat bij lerende aanpak

Nieuws

Evaluatie stelselvernieuwing agrarisch natuurbeheer is gebaat bij lerende aanpak

Gepubliceerd op
19 oktober 2018

Wageningen Environmental Research heeft een aanpak ontwikkeld om de stelselvernieuwing van het agrarisch natuurbeheer te evalueren. Het blijkt dat een lerende evaluatie uitermate geschikt is om rekening te houden met de uiteenlopende belangen en opvattingen, en om de kennis van betrokkenen te benutten.

Agrarisch natuurbeheer

In 2016 is het beleid voor agrarisch natuurbeheer ingrijpend gewijzigd. Het zijn niet meer de individuele boeren die worden gesubsidieerd voor hun beheerinspanningen maar collectieven van agrariërs. Provincies sluiten met hen contracten af over het gewenste agrarisch natuurbeheer. Het nieuwe stelsel moet zorgen voor een effectiever en efficiënter agrarisch natuurbeheer om daarmee bij te dragen aan Europese verplichtingen uit de Vogel- en Habitatrichtlijn. Agrarische collectieven kunnen ook bijdragen aan organisatorische vernieuwing door een veel bredere rol te vervullen dan alleen voor agrarisch natuurbeheer. Ten slotte is het mogelijk dat collectieven de maatschappelijke betrokkenheid bij en economische betekenis van het agrarisch natuurbeheer vergroten.

Lerende evaluatie

Bij de stelselvernieuwing zijn verschillende bestuurslagen en tal van actoren betrokken, met deels overlappende maar deels ook conflicterende opvattingen en verschillende typen kennis. Een lerende beleidsevaluatie, waarin verschillende opvattingen en inzichten van betrokken actoren een rol kunnen spelen in het evaluatieproces, is in een dergelijke situatie een geschikte aanpak. Bij een lerende evaluatie wordt het onderzoek zodanig uitgevoerd dat het bijdraagt aan het leerproces bij de betrokkenen én dat het resultaat benut kan worden voor beleidsverantwoording. In alle fasen van het onderzoek is sprake van interactie tussen onderzoek en praktijk. De evaluatie gebeurt verder niet achteraf zoals bij veel reguliere beleidsevaluaties, maar tijdens de rit. Hierdoor kunnen betrokkenen opgedane inzichten tussentijds gebruiken en kan er op basis hiervan tussentijds worden bijgestuurd.

Aanpak

Om na te gaan hoe de stelselvernieuwing van het agrarisch natuurbeheer werkt en wat de ecologische, organisatorische, maatschappelijke en economische effecten zijn, stellen de onderzoekers een combinatie voor van generieke analyses, gebiedsstudies en leerbijeenkomsten. De beleidsontwikkeling en –implementatie door provincies kan via een vergelijkende beleidsanalyse op landelijk niveau in beeld worden gebracht. Op nationaal niveau kan worden bepaald in welke mate het agrarisch natuurbeheer in daarvoor geschikte gebieden plaatsvindt. Via ecologisch veldwerk in een aantal gebieden kan dit beeld worden verrijkt door te bepalen wat de daadwerkelijke gerealiseerde habitatkwaliteit is bij verschillende beheervormen. In dezelfde gebieden kunnen ook de effecten op maatschappelijke betrokkenheid en economie van de stelselvernieuwing in samenhang met de ecologische effecten in beeld worden gebracht. De aanpak is bij uitstek geschikt om inzicht te krijgen in de slaag- en faalfactoren in relatie tot het bereikte resultaat. Om nieuwe handelingsperspectieven te verkennen, stellen de onderzoekers voor om zowel per gebied, als per provincie en landelijk aparte leersessies met betrokkenen te organiseren.

Onderzoeksopdracht

De aanpak is ontwikkeld in opdracht van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Het PBL overweegt in de toekomst een evaluatie van de stelselvernieuwing agrarisch natuurbeheer uit te voeren, waarin de daadwerkelijke resultaten en effecten van het agrarisch natuurbeheer worden getoetst.

Lees meer in dit dossier