Bouwplanopbrengst

Bouwplanopbrengst en -optimalisatie

Binnen dit werkpakket worden mogelijkheden onderzocht om de ruwvoerderproductie op bouwplanniveau te verhogen op een economisch rendabele en duurzame manier.

Er zijn zorgen over de ontwikkeling van de bodemkwaliteit. De rotatie waarin ruwvoergewassen geteeld worden is over het algemeen smal, er is nauwelijks bodembedekking en productie gedurende de winterperiode en grondbewerking en oogst leiden tot een verdichte ondergrond. Dit leidt tot suboptimale opbrengsten en hierdoor worden de problemen met af- en uitspoeling van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen onvoldoende getackeld.

De bodem is gebaat bij een gevarieerd bouwplan voor een lange termijn productiviteit en voor kwalitatief hoogwaardig ruwvoeder. Maïs zal bijvoorbeeld naar verwachting een 10% hogere opbrengst geven bij vruchtwisseling.

Een gevarieerd bouwplan kan ervoor zorgen dat de bodem beter gebruik kan maken van de beschikbare input (licht, mineralen, water, CO2) ten behoeve van kwalitatief hoogwaardig ruwvoeder. Ook kan hiermee de bodem meer weerbaar worden gemaakt tegen toenemende extremen in weersomstandigheden. Het gaat hier om gewascombinaties in de tijd en ruimte (maïs, grasland, groenbemesters, leguminosen).

Elementen als vroegheid, rastypen, onderzaai, N-binding door leguminosen en managementopties zoals technieken voor niet kerende
grondbewerking, bieden nieuwe kansen. Relevante kentallen hierbij ontbreken op dit moment nog (grotendeels), zowel ten aanzien van economisch als milieumatig perspectief.

Binnen dit werkpakket wordt er eerst gewerkt aan het ontwikkelen van nieuwe combinaties van vruchtopvolging. Deze zullen vervolgens worden getest samen met nieuwe teeltsystemen in meerjarige proeven en als laatst zullen de ‘best practices’ worden geëvalueerd met het bijbehorende management.