Nieuws

Wilde verwanten van prei uit Griekenland beschikbaar als speciale collectie

Gepubliceerd op
2 december 2020

In 2009 zijn door CGN in Griekenland wilde verwanten van prei verzameld. Dit materiaal is deels vermeerderd en vrij beschikbaar voor onderzoek. Het materiaal kan ook commercieel gebruikt worden. Daar is toestemming van de Griekse overheid voor nodig.

De drie wilde verwanten van prei Allium bourgeaui, A. ampeloprasum en A. commutatum groeien allen  in het wild in Griekenland. Er is verzameld op de Peloponnesos en de eilanden Karpathos, Kreta, Andros, Lesbos en Kythera.

Het is belangrijk om bij zo’n onderneming lokale mensen in te schakelen die het land kennen en weten waar de standplaatsen zijn. Daarom is deze verzamelmissie uitgevoerd in nauwe samenwerking met Prof. Dr. Dimitris Tzanoudakis van de Universiteit van Patras.

Klimmen en zwemmen

Een avontuurlijke onderneming waarbij flink geklauterd moest worden want A. bourgeaui groeit het liefst  op steile rotsen. A. commutatum komt voor langs de kust en op kleine rots eilandjes voor de kust. Deze soort kon daarom vaak alleen zwemmend vanuit een boot verzameld worden. A. ampeloprasum (parellook) is een zogenaamde ruderale soort en komt voor op verstoorde plaatsen zoals (verlaten) akkers.

Unieke eigenschappen

De verzamelde planten zijn gewend aan droge, hete, zoute omstandigheden en bezitten eigenschappen die in onze “gewone prei” niet voorkomen. Interessant voor onderzoekers en het zaad hiervan is wellicht te gebruiken om prei te ontwikkelen die bestand is tegen onze zomers die steeds heter lijken te worden of prei die beter bestand is tegen zoute omstandigheden.

Want hoewel A. bourgeaui en A. commutatum nauwelijks voorkomen in genenbankcollecties zijn deze soorten wel te kruisen met gewone prei: Allium porrum. A. ampeloprasum is wel meer aanwezig in collecties en is ook te kruisen met prei.

Voorwaarden voor gebruik

Prei is vaak lastig te vermeerderen en dat geldt zeker voor planten met extreme groeiplaatsen. De vermeerderingen zijn nog in volle gang. Zodra een vermeerdering gelukt is komen de zaden beschikbaar.

Het meeste materiaal van het CGN is verkrijgbaar met een standaard contract,  een “Standard Material Transfer Agreement” (SMTA). Veel genenbanken maken gebruik van de SMTA, waardoor het verkregen materiaal gebruikt kan worden voor zowel onderzoek als veredeling. Voor deze speciale collectie, verzameld in Griekenland, gelden andere regels. Dit is bepaald door de Griekse overheid. Voor onderzoek mag het materiaal vrij gebruikt worden. Voor commerciële doeleinden dienen echter afspraken gemaakt te worden met de Griekse overheid.