Noordzeetong

Biologie

Tong (Solea vulgaris) is een langwerpige platvis die voorkomt langst de Europese kust van de Noordzee tot in de Middellandse Zee en langs de kust in Noord-Afrika. De bovenkant van een tong is bruin met donkere vlekken en stipjes. De onderkant is wit. Het is een vissoort die van warm water houdt en de tong in de zuidelijke Noordzee zit dan ook aan de noordgrens van zijn verspreidingsgebied. In extreem strenge winters wil nog wel eens een deel van de tongstand doodvriezen. Het tongbestand in de Noordzee is het grootste in Europese wateren en levert de grootste vangst op. De paaitijd in de Noordzee duurt van eind mei tot begin juli. In tegenstelling tot schol paait tong vlak bij de opgroeigebieden van de jonge tongetjes langs de kust en in de Waddenzee. De meeste tongen zijn na ongeveer 3 jaar volwassen. Tong is een nachtdier dat bij de bodem zwemt en wormen eet.

Visserij

De tong is, samen met de schol, een van de belangrijkste vissoorten voor de Nederlandse visserij. Er wordt weliswaar minder tong gevangen dan schol, maar door de veel hogere prijs per kilo levert de tong in totaal toch meer op dan de schol. De belangrijkste vismethode voor tong is de boomkorvisserij. Dat is een visserij waarbij een vistuig - dat uiteen wordt gehouden door een metalen buis (de “boom”) - over de bodem wordt gesleept. Er worden kettingen gebruikt om de platvissen schol en tong uit de bodem te jagen, zodat ze het net inzwemmen. Vanwege de hoge energiekosten van deze vorm van visserij wordt gezocht naar nieuwe technieken met minder olieverbruik. In recente jaren zijn de vistechnieken verbeterd zoals bijvoorbeeld de introductie van de sumwing, en pulskor. Hiermee wordt niet alleen energie bespaard maar ook de impact van het vistuig op de bodem wordt verminderd evenals de bijvangsten. Deense vissers vangen ook tong met warnetten.

Beheer

De visserij wordt beperkt door de TAC (totale toegestane vangst), die jaarlijks wordt vastgesteld door de Europese Ministerraad. Deze TAC wordt weer onderverdeeld in nationale quota. Nederland heeft een aandeel van 75% in de TAC voor tong in de Noordzee.

In 2007 is door de Europese Raad een meerjarig beheersplan voor schol en tong in de Noordzee aangenomen. Hierin wordt gestreefd naar een duurzame exploitatie van die bestanden en zijn regels opgenomen voor het vaststellen van de TAC van tong en schol in de Noordzee. 

Ontwikkeling bestand

De toestandsbeoordeling van Noordzee tong wordt uitgevoerd door een internationale werkgroep (Working Group on the Assessment of Demersal Stocks in the North Sea and Skagerrak) van ICES. De toestandsbeoordeling is gebaseerd op internationale aanvoergegevens, vangstsucces van Nederlandse vissers en bestandsopnamen met onderzoeksvaartuigen.

De sterke schommelingen in de tongstand zijn vooral het gevolg van het slechts af en toe voorkomen van een heel sterke jaarklasse. Die sterke jaarklassen lijken vooral voor te komen na strenge winters of na een koud voorjaar. Die strenge winters lijken een tegengesteld effect te hebben op de tongstand: enerzijds kunnen zij zorgen voor een extra natuurlijke sterfte op de oudere tong en anderzijds zorgen zij door meer voedsel voor een betere groei van de jonge tong. De visserijdruk op tong was al hoog in de jaren 70 van de vorige eeuw. Toch is de tongstand sindsdien niet alleen maar achteruitgegaan. De incidentele sterke jaarklassen zorgden steeds voor een tijdelijke opleving van de totale hoeveelheid tong. Als gevolg van het beheersplan en saneringen in de kottervisserij is de visserijdruk op tong sterk afgenomen.

Advies

ICES adviseert het EU-beheersplan te volgen. De meest recente toestandsbeoordeling en vangstadviezen zijn beschikbaar op de ICES website.