Vissurveys IJsselmeer en Markermeer

Vissurveys IJsselmeer en Markermeer

In het IJsselmeer en Markermeer vinden twee vissurveys plaats: bemonstering van de oeverhabitats (augustus, sinds 2007) en bemonstering van het open water (oktober-november, gestandaardiseerd sinds 1989)

De oeverbemonstering is opgezet naar aanleiding van een evaluatie van het onderzoeksprogramma in relatie tot de nationale invulling van de Europese richtlijnen. Tijdens de oeverbemonstering wordt met een elektroschepnet of met een zegen een habitattype van IJsselmeer en Markermeer onderzocht dat in de openwaterbemonstering ontbreekt. Voor de Habitatrichtlijn zijn oeverbemonsteringen van belang, omdat de soortdiversiteit een belangrijke parameter is en verschillende vissoorten specifiek in vegetatierijke oeverzones en bij oevers met harde substraten voorkomen. Bij deze monitoring worden aantallen en lengteverdeling van de vangst per vissoort geregistreerd.

De survey in het open water vindt plaats met een boomkor (gericht op schubvissoorten) en een elektrokor (gericht op aal en schubvis). De resultaten worden gebruikt bij de beoordeling en advisering van de visserij op o.a. aal, spiering, baars en snoekbaars, in analytische studies van de interacties tussen het waterbeheer, de visstand, de vogels en de visserij en bij de beoordeling van de ecologische toestand van de meren. Deze bestandsopnames zijn een belangrijk instrument om bijvoorbeeld effecten van veranderingen in visserijdruk te evalueren. Tijdens deze survey worden aantallen en lengteverdeling van de volledige vangst geregistreerd. Daarnaast worden biologische gegevens (individuele lengte, gewicht, sekse, rijpheidsstadium, materiaal voor leeftijdsaflezing) van baars, blankvoorn, brasem, snoekbaars en spiering verzameld ten behoeve van de schubvisadviezen en openstelling spieringvisserij. Ten behoeve van het project Aalonderzoek worden kleine alen meegenomen, waarvan na afloop van de survey de biologische informatie wordt verzameld.