Netwerk Ecologische Monitoring

Met ingang van 2014 heeft de WOT Natuur & Milieu het programmamanagement van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM) overgenomen van de Stichting Gegevensautoriteit Natuur. Het thema WOT-NEM bestaat uit twee componenten: het programmamanagement, dat wordt uitgevoerd door de WOT N&M, en het verzamelen van gegevens voor de meetnetten, dat wordt uitgevoerd door vrijwilligersorganisaties en de provincies.

Het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM) bestaat uit ruim 30 meetnetten die gericht zijn op het systematisch verzamelen van natuurgegevens zodat de trends in verspreiding en abundantie van flora en fauna kunnen worden berekend. Er zijn meetnetten voor zoogdieren, vogels, reptielen, amfibieën, vissen, vlinders, libellen, “overige insecten”, weekdieren, mariene macrofauna, vegetaties, vaatplanten, mossen, korstmossen en paddenstoelen. De gegevensinwinning van het NEM wordt ingevuld aan de hand van meetdoelen waarover de deelnemende partijen overeenstemming hebben bereikt (ministerie van LNV, Rijkswaterstaat, Planbureau voor de Leefomgeving en Provincies/BIJ12). Er worden nu 27 doelstellingen gehanteerd: internationale rapportageverplichtingen (16), nationaal natuurbeleid (3), nationale graadmeters (7) en signalering (1). Elk meetnet bedient een aantal van deze doelstellingen.

De WOT-NEM richt zich op de opdrachtverlening en begeleiding voor deze meetnetten namens het ministerie van LNV. De meetnetten worden uitgevoerd door landelijke Soortenorganisaties, Sovon en provincies. De Soortenorganisaties en Sovon coördineren vrijwilligers die het veldwerk verrichten. Hierbij zijn landelijk zo’n 15.000 vrijwilligers betrokken.

Het NEM levert de verzamelde gegevens aan het CBS. Het CBS berekent op haar beurt de trends en levert deze aan het PBL (voor natuurverkenningen en Balans van de Leefomgeving) en bijvoorbeeld aan het thema WOT Informatievoorziening Natuur (WOT-IN), waar de informatie van het NEM wordt gebruikt voor de verplichte rapportages op grond van nationale en internationale verdragen en EU-richtlijnen.
Het NEM levert de gegevens ook aan de Nationale Databank Flora en Fauna (mits de dataleverancier/vrijwilliger daar geen bezwaar tegen heeft), waardoor de gegevens ook breed beschikbaar komen.

Er wordt publiekelijk verslag gedaan van de opzet en de kwaliteit van het NEM in de jaarlijkse kwaliteitsrapportage van het CBS.