Natuurverkenning

Periodieke verkenning natuurbeleid

Het thema Periodieke verkenning van het natuurbeleid omvat taken die in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) voor het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) worden uitgevoerd. Het wettelijk kader is de Wet natuurbescherming die op 1 januari 2017 van kracht is geworden. 

Het PBL heeft als taak om eenmaal per vier jaar een Natuurverkenning uit te brengen. Het uiteindelijke doel hiervan is de rijksoverheid te voorzien van de juiste informatie over meerjarige trends in bos, natuur en landschap in beleidsmatige en maatschappelijke context voor de Natuurverkenning. Voor de taken op het gebied van bos, natuur en landschap in de beleidsmatige en maatschappelijke context heeft het PBL zelf onvoldoende kennis in huis. Deze kennis is wel beschikbaar bij Wageningen Research (WR). Daarom heeft het ministerie van LNV uit efficiencyoverwegingen geregeld dat WR, via de WOT Natuur & Milieu, deze kennis voor het PBL in stand houdt, verder ontwikkelt, en door analyses geschikt maakt voor de verkenning. Ten slotte draagt Wageningen Research bij aan de rapportage Natuurverkenning. 

In het thema Periodieke verkenning van het natuurbeleid zijn de activiteiten vooral gericht op verkenningen met een integraal karakter. Het gaat hierbij om deelproducten en de synthese van de relevante wetenschappelijke kennis. Verkenningen starten gewoonlijk vanuit de signalering van de huidige situatie. De signalerende taak van het planbureau zien we daarom als een onderdeel van de verkennende taak.

Er wordt een bijdrage geleverd aan de volgende categorie├źn van activiteiten:

  1. De rapportage van de Natuurverkenning.
  2. De integrale beschrijving van de toestand en ontwikkeling van bos, natuur en landschap en van mogelijke toekomstige relevante ontwikkelingen binnen de beleidsmatige en maatschappelijke context voor de Natuurverkenning.
  3. Het opstellen en doen uitvoeren van een meerjarige WOT-onderzoekagenda op basis van de toekomstige behoefte aan kennis en informatie voor de Natuurverkenning, en de reeds beschikbare kennis
  4. Het ontwikkelen van ontbrekende kennis voor toekomstverkenningen van natuur, bos en landschap in de beleidsmatige en maatschappelijke context door onderzoek uit te voeren op basis van de meerjarige onderzoekagenda. Het betreft hier vooral methoden en technieken om de complexe interactie tussen de fysieke, sociale en bestuurlijke systemen te kunnen begrijpen en analyseren, en uitspraken over de toekomst te kunnen afleiden.