dr.ir. TPM (Thijs) Fijen

dr.ir. TPM (Thijs) Fijen

Onderzoeker

In mijn onderzoek focus ik op de voordelen en bijdragen van biodiversiteit voor de landbouw, zodat er betere bescherming van biodiversiteit in agrarische landschappen komt. Biodiversiteit draagt op veel vlakken bij aan de landbouw, zo zorgen bodembeestjes voor het verteren van plantenresten, symbioses met schimmels voor een betere vochtbalans, en natuurlijke vijanden bestrijden plaagdieren. Een van de meest zichtbare ecosysteemdiensten van biodiversiteit is de bestuiving van gewassen. Tweederde van de gewassen in de wereld zijn (deels) afhankelijk van bestuivers, met name insecten, voor de opbrengst. Ondanks het belang van die insecten, zijn nog maar weinig boeren deze insecten actief aan het beschermen. Mijn onderzoeksprojecten zijn grofweg op te delen in twee thema's: de bijdrage van wilde bestuivers op gewasopbrengst, en kan het telen van meer soorten gewassen zelf ook bijdragen aan biodiversiteitsherstel?

De bijdrage van wilde bestuivers op gewasopbrengst

Vele studies hebben laten zien dat bestuiving substantieël bijdraagt aan de opbrengst van gewassen, maar actief beheer gericht op de bescherming van deze bestuivers is zeldzaam. Dit komt waarschijnlijk doordat de bijdrage van bestuivers wordt onderschat ten opzichte van alle andere middelen waarmee boeren hun opbrengst kunnen verhogen. Het makkelijkste voorbeeld is dat boeren vaak eerder meer gaan bemesten, dan dat ze actief voor bestuivers gaan beheren. Door de bijdrage van bestuivers te vergelijken met bijvoorbeeld bemesting, irrigatie, en honingbijen, kan de bijdrage van bestuivers in perspectief geplaatst worden, en kunnen boeren mogelijk wél overtuigd worden om meer aan biodiversiteitsbescherming te doen. 

'Vergeten gewassen': kan het introduceren van meer gewassen op zichzelf al goed zijn voor biodiversiteit

De afgelopen eeuw zijn veel gewassen uit Nederland verdwenen, hoofdzakelijk omdat andere gewassen meer opbrengst gaven. Dit is ten koste te gaan van de diversiteit aan gewassen, en vlinderbloemige gewassen zoals rode klaver, lupine en veldboon zijn praktisch verdwenen, maar ook andere vergeten gewassen zoals boekweit en vlas. Uit museumonderzoek weten we dat een aantal soorten hommels veel gebruik maakten van deze gewassen, maar die hommels zijn nu (zo goed als) uitgestorven in Nederland. In verschillende projecten draag ik bij aan de kennis van de bestuiving van deze 'vergeten' gewassen zoals lupine en boekweit, zodat deze gewassen weer voet aan de grond krijgen in Nederland. Mijn ambitie is om de verloren hommels weer terug te krijgen met behulp van deze gewassen. 

Persoonlijke achtergrond

Al sinds jonge leeftijd ben ik een fanatieke vogelaar, en ik ben daarbij gespecialiseerd in het herkennen en opnemen van vogelgeluiden. Vogels hebben mijn ogen geopend voor alles wat er in de natuur leeft, en dus was de BSc en MSc Bos en Natuurbeheer aan de WUR een logische keuze. Na wat uitstapjes bij andere onderzoeksinstituten in mijn MSc ben ik blijven plakken bij de WUR. Als een ecoloog met een specialisme in agrarische systemen probeer ik biodiversiteitsbescherming in de landbouw mainstream te maken, met voordeel voor iedereen.