Publicatie details

Samenvatting

Nederland heeft na overeenstemming met de Europese Commissie in pilots onderzoek uitgevoerd of het mineralenconcentraat dat ontstaat bij mestverwerking als kunstmest kan worden gebruikt. Dit rapport beschrijft de resultaten van drie laboratoriumproeven naar de ammoniak- en lachgasemissies uit de bodem na toediening van mineralenconcentraten en maakt onderdeel uit van een reeks onderzoeken naar de landbouw- en milieukundige effecten van het gebruik van mineralenconcentraten. De ammoniakemissie bij oppervlakkig toegediende mineralenconcentraten was vergelijkbaar met die van oppervlakkig toegediende varkensmest. Het inwerken van mineralenconcentraat leidde tot een forse reductie van de ammoniakemissie, net zoals bij varkensmest. De gemiddelde ammoniakemissie (alle proeven) van ingewerkte mineralenconcentraten was laag en vergelijkbaar met die van de oppervlakkig toegediende kunstmest KAS. De ammoniakemissie van de oppervlakkig toegediende kunstmest ureum was hoger dan die van ingewerkt concentraat. Het inwerken van concentraat en mest leidde tot een hogere lachgasemissie dan oppervlakkige toediening. De gemiddelde lachgasemissie na inwerken van mineralenconcentraten was hoger dan die van oppervlakkig toegediende KAS en ingewerkte varkensmest en gelijk aan oppervlakkig toegediende ureum. Geconcludeerd wordt dat het mineralenconcentraat een meststof is met een hoog risico op ammoniakemissie, maar dat de ammoniakemissie fors kan worden gereduceerd door emissiearme toediening. De lachgasemissie bij toediening van concentraat was hoger dan die van KAS en varkensmest.