Achtergrondinformatie over HPAI H5N8 in wilde vogels, mogelijke bron voor vogelpest in Nederland en andere delen van Europa

Tijdens de HPAI H5N8 uitbraken in Zuid Korea eerder dit jaar (2014) werd het virus gedetecteerd bij gehouden pluimvee, maar werd het ook geïsoleerd uit wilde vogels afkomstig van het Donglim Reservoir dat gelegen is in het gebied waar de uitbraken in pluimvee hebben plaatsgevonden (Jeong et al., 2014).

Er werden H5N8 HPAI virussen geïsoleerd uit karkassen van wilde vogels en ook uit uitwerpselen, waaronder uit verschillende eendensoorten zoals de Baikal taling (Anas formosa), wilde eend (Anas platyrhynchos), meerkoet (Fulica atra) en de taigarietgans (Anser fabalis).

Half april 2014 dook het HPAI H5N8 virus op bij een pluimveebedrijf in Japan. In het kader van wilde-vogelmonitoring in Japan werd in mestmonsters van kleine zwanen (Cygnus columbianus bewickii) het HPAI H5N8 virus aangetoond (ProMEDmail, 2014).

Op 22 november 2014 meldde het Duitse Ministerie van Landbouw dat in een geschoten wintertaling (Anas crecca) het HPAI H5N8 virus werd aangetoond. De eend werd geschoten buiten een ingesteld ‘risicogebied’ (50 km rond uitbraak op kalkoenenbedrijf in Mecklenburg-Voor-Pommeren). 

De bovengenoemde wilde-watervogels hebben broedgronden in Siberië. Op de broedgronden is er een uitstekende mogelijkheid tot het uitwisselen en ontwikkelen van griepvirussen. Bovengenoemde watervogels trekken na het broedseizoen voor overwintering naar Europa en naar Azië. In de overwinteringslanden kunnen griepvirussen door de migrerende vogels worden uitgewisseld met residente populaties watervogels. De wintertaling is dit jaar op meerdere plaatsen in Nederland, vooral in West-Nederland, waargenomen.


CVI-onderzoekers Armin Elbers, Ruth Bouwstra en Guus Koch