BioMonitor meet bijdrage bio-economie aan welzijn Europeanen

BioMonitor meet bijdrage bio-economie aan welzijn Europeanen

Wat is precies de bijdrage van de bio-economie aan het welzijn van Europeanen? En wat zijn de te verwachten effecten van beleidsmaatregelen om van de fossiele economie naar een circulaire economie over te gaan? Om gedetailleerd inzicht in de Europese bio-economie te krijgen, werkt Wageningen University & Research samen met 17 publiek-private partijen aan één Europees data- en modelraamwerk: BioMonitor.

BioMonitor is een vierjarig project onder de vlag van het EU Horizon 2020-programma voor onderzoek en innovatie. Justus Wesseler, hoogleraar Agricultural Economics & Rural Policy van Wageningen University & Research, is coördinator van het project. ‘Europa heeft een betrouwbaar modelraamwerk nodig om de voortgang van de bio-economie te kunnen meten’, zegt hij. ‘De bijdrage aan bio-based sectors aan de voedingssector wordt tot op zekere hoogte al goed gemeten, maar dat geldt niet voor de bijdrage aan de non-foodsectoren. Terwijl juist deze sectoren veel meer betekenis krijgen in de bio-economie, zoals Louise Fresco ook aangaf tijdens de opening van het academisch jaar 2018/2019.’

Toekomstige ontwikkelingen voorspellen

Betrouwbare statistische informatie is niet alleen nodig om de huidige situatie in kaart te brengen, maar ook om toekomstige ontwikkelingen te voorspellen. Wesseler: ‘De huidige economische modellen gebruiken data op EU-niveau om bijvoorbeeld de toekomstige effecten van klimaatverandering of schaarste aan fossiele bronnen te voorspellen, maar ook om de verwachte effecten van verschillende beleidsscenario’s te analyseren. BioMonitor bouwt voort op deze modellen en zoomt in op de impact op de bio-economie.’

Regionale ontwikkeling

Casestudies laten industriële partners en beleidsmakers zien hoe BioMonitor werkt. Wesseler noemt geplande investeringen in de Slowaakse bioraffinage-industrie als voorbeeld: ‘In die casestudie willen we laten zien hoe we de bijdrage van deze investeringen op regionale ontwikkeling kunnen meten. We kijken naar het regionale BBP, maar bijvoorbeeld ook naar het aantal gecreëerde banen en de bijdrage van bio-based producten aan de Slowaakse economie.’

Stakeholderplatform

Voor de ontwikkeling van BioMonitor werkt het consortium samen met statistische bureaus. Samen met hen wordt bepaald welke informatie al voorhanden is en hoe bestaande meetsystemen verbeterd kunnen worden. Wageningen Economic Research speelt daarin een belangrijke rol, zegt projectleider Myrna van Leeuwen van dit onderzoeksinstituut: ‘Wij zorgen ervoor dat de bio-based data op een zodanige manier verzameld worden dat ze geïntegreerd kunnen worden in BioMonitor. Bestaande modellen worden uitgebreid, zodat we nieuwe verbindingen en effecten kunnen meten die te maken hebben met de bio-economie. Om ervoor te zorgen dat het BioMonitor-project zijn weg vindt naar de praktijk, lanceren we een stakeholdersplatform. Hier bespreken we de wensen en verwachtingen van de gebruikers, zoals beleidsmakers en de industrie.’ Een eerste stakeholderworkshop wordt georganiseerd op 23 oktober.

Volgens Wesseler zijn economische modellen die de EU-lidstaten gebruiken al in hoge mate gestandaardiseerd. ‘Als we deze bestaande modellen kunnen verbeteren om zo de ontwikkeling van de bio-economie constant te meten, moet het mogelijk zijn het BioMonitor-raamwerk toe te passen in alle lidstaten.’