De Wageningse aanpak van sociale innovatie

Sociale innovatie is vernieuwing van onderop, gericht op oplossingen voor problemen in de samenleving. Naast initiatieven van burgers en bedrijven, speelt ook wetenschappelijk onderzoek en onderwijs daarin steeds vaker een rol. Wageningen University & Research ziet in sociale innovatie een kans om wetenschap en maatschappij meer met elkaar te verbinden, en ontwikkelt een aanpak om sociale innovatie op te nemen in wetenschappelijk onderzoek en onderwijs.

De verhouding tussen wetenschap en samenleving verandert. Het wordt steeds belangrijker dat onderzoek met vernieuwende oplossingen bijdraagt aan belangrijke vraagstukken in de samenleving. Dat willen bedrijven, overheid en burgers, maar ook onderzoekers zelf. Nationale en Europese wetenschapsagenda’s vragen er om. Onderzoek wordt ook steeds meer afgerekend op de bijdrage die het heeft aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDGs).

Naast meer onderzoek voor de samenleving, wordt er ook steeds meer onderzoek gedaan met de samenleving. Onderzoekers staan, anders dan vroeger, meer midden in de samenleving en staan open voor samenwerking met bedrijven, ngo’s en burgerinitiatieven. Die partijen krijgen ook meer te zeggen over waar onderzoek over moet gaan, en doen soms ook zelf onderzoek, samen met wetenschappers [link naar stukje over sociale innovatie en citizen science].

Sociale innovatie

Sociale innovatie gaat over nieuwe manieren om maatschappelijke problemen van onderop op te lossen. Van onderzoekers vraagt dat meer samenwerking met andere partijen, soms ook met minder voor de hand liggende partners. Een groep onderzoekers binnen WUR ontwikkelde een aanpak van sociale innovatie, gebaseerd op ervaringen in het onderzoeksprogramma Social Innovation for Value Creation.  Doel is om wetenschappelijk onderzoek en onderwijs meer aan te laten sluiten en onderdeel maken van sociale innovatie. Op weg naar een sociaal-innovatieve universiteit die zich maatschappelijk verbindt en engageert. Dat vraagt om richtingaanwijzers en de moed om ongebaande paden in te gaan. Hieronder volgt een aantal principes dat onderdeel is van de Wageningse aanpak van sociale innovatie.

Waardegericht

Sociale innovatie is gericht op verbetering van het bestaande. Dat kan betekenen: duurzamer, rechtvaardiger, moreel juister en inclusiever. Of anders gezegd: het gaat om waarde-creatie. De maatschappelijke waarde die ontstaat kan economisch zijn, maar vooral ook cultureel, sociaal of ecologisch. In de praktijk gaat sociale innovatie vaak om een bijdrage aan de Sustainable Development Goals (SDGs). Belangrijk daarbij is dat het algemene belang voorop staat, en niet de deelbelangen van een bepaalde partij. Sociale innovatie betekent daarom een verschuiving van klantgericht werken naar waardegericht werken. Een voorbeeld is een project van de Wageningse wetenschapswinkel waarin ideeën werden opgedaan voor een nieuwe bestemming voor de Muur van Mussert.

Mens- en actiegericht

De Wageningse aanpak van sociale innovatie gaat ervan uit dat verandering in de samenleving afhangt van de vraag of mensen bereid zijn zich anders te gedragen. De mensen die geraakt worden door een bepaald probleem staan centraal, en nemen vaak ook het initiatief. Voor onderzoekers betekent dit dat de dialoog met anderen cruciaal is en dat onderzoekers met mensen werken, in plaats van voor mensen. De wetenschap staat niet boven de partijen, maar er middenin. In de praktijk vertaalt dit zich vaak in participatief actieonderzoek. Een voorbeeld is een project in Rwanda waar onderzoekers samen werkten met suikerriettelers en een suikerfabriek aan een betere positie voor de boeren.

Out-of-the box denken

Sociale innovatie vraagt een nieuwsgierige houding, waarbij men niet bang is ongebaande paden in te slaan en de status quo uit te dagen. Juist door zich niet te conformeren aan bestaande opvattingen, door tegendraads te zijn, maakt de sociaal-innovatieve onderzoeker verandering mogelijk. Daarbij past een zekere mate van avontuurlijkheid en lef: experimenteren in onderzoeksaanpakken, out-of-the box denken en open staan voor andere ideeën. Een voorbeeld is een onderzoek naar de rol van diaspora in beleid over Afrika, met de organisatie Africa in Motion.

Verbindend

Alle partijen moeten ook gehoord en verbonden worden. Dat vereist een grondhouding van samenwerking. Wetenschappers zijn geneigd te strijden voor het eigen gelijk. Anders dan wetenschap als strijdtoneel is een meer sociaal-innovatieve houding dat de ene studie misschien tekortkomingen bevat, maar waardevol blijft, en dat ander onderzoek het kan aanvullen om het geheel aan kennis te vergroten. Het helpt hierbij om te erkennen dat er vaak niet één waarheid is, maar dat er meerdere waarheden naast elkaar kunnen bestaan. Een voorbeeld van een verbindend project binnen de WUR gaat over het verbinden van gebruikers en producenten van bio-based materialen.

Open houding

Sociale innovatie vraagt om openheid over welke vragen en welke kennis relevant is voor het aan te pakken probleem. Mensen redeneren vaak vanuit onbewuste ideeën en overtuigingen, die bepalen wat wel of niet relevant is voor een probleem. Iemand die bijvoorbeeld gelooft in de vrije markt zal andere vragen stellen dan iemand die juist in een sterke overheid gelooft. Het is daarom belangrijk om expliciet te zijn over de ideologische aannames van de onderzoeker. Onderzoekers die zich beroepen op de onafhankelijke en onaantastbare status van wetenschap, doen dat niet en trekken zich terug in de ivoren toren. Een voorbeeld van hoe onderzoekers zich juist wel open stellen voor de visie van anderen, zijn onderzoekers in de synthetische biologie, die kunstenaars uitnodigden om hun visie op synthetische biologie te verbreden.

Het hanteren van deze principes kan spanning oproepen met gangbare manieren van werken. Het gaat immers om innovatie. Het zoeken naar maatschappelijke waarde kan bijvoorbeeld schuren met klantgericht werken, waarin het alleen gaat om de waarde vergroting voor de klant die het onderzoek betaalt. Ook het vooraf expliciet maken van ideologie valt niet binnen de comfort zone van veel onderzoekers.

Competenties voor sociale innovatie

Sociale innovatie vraagt daarom competenties van onderzoekers en docenten. Bijvoorbeeld het vormgeven van een constructieve dialoog met niet-wetenschappers over wat waardevol is en aan welke kennis behoefte is. Ook reflectie en zelfreflectie is nodig. Er is een zekere mate van zelfrelativering nodig voordat iemand zich zal openstellen voor andere perspectieven en voorbij het eigen gelijk kan denken. Onderzoekers moeten integraal kunnen werken: zich kunnen verbinden met andere vakgebieden en met partijen buiten de wetenschap. Ook het serieus nemen van emoties hoort hierbij. Kennis samen met burgers en bedrijven ontwikkelen, betekent dat de onderzoeker zijn eigen aanpak moet kunnen loslaten, en de resultaten moet willen delen.

Hoe verder?

In de praktijk zijn er binnen WUR veel kiemen te vinden van een aanpak van sociale innovatie. Die zijn in beeld gebracht in workshops en worden gecommuniceerd via deze website. Die kiemen zullen verder  groeien in de nabije toekomst. WUR is, gegeven haar missie en domeinen, bij uitstek de organisatie om zich te concentreren en profileren op een sociale innovatie aanpak. Het verder uitkristaliseren van de aanpak zal ongetwijfeld ook verschillende interpretaties en benaderingen laten zien. Maar zulke verschillen zijn juist goed en dragen bij aan het ruimte geven aan experimenteren en creëren van handelingsrepertoire. Het wordt gehoopt dat deze aanpak medewerkers en studenten van WUR zal aanspreken. De ontwikkeling van een Wageningse aanpak van sociale innovatie gebeurt gezamenlijk, met onderzoekers van de WUR en partners in de samenleving.

Deze tekst is gebaseerd op een essay van Roel During en Hans Dagevos: 'Wageningen social innovation approach: een uitnodiging tot participatie'.

Lees meer: