Nieuws

IMARES houdt seminar in Japan over offshore energie-ontwikkeling

Gepubliceerd op
21 januari 2013

Martin Pastoors van Wageningen UR heeft een presentatie gegeven over offshore energie ontwikkeling en Ecodynamisch design (Building with Nature). Contact is geweest met een aantal Japanse bedrijven en ministeries die actief zijn op het gebied offshore hernieuwbare energie en het nieuwe Japanse beleid voor de zee.

Na de ramp bij Fukushima (2012) en de daarop volgende’ meltdown’ van de kernenergie centrale wil de Japanse regering veel gaan investeren in offshore hernieuwbare energie en gedegen kustbescherming. Er wordt momenteel een visie voorbereid door gezaghebbende industriëlen onder de vlag van de ‘Research Institute for Ocean Economics (RIOE)’ die eind maart aan de Japanse regering wordt overhandigd.

Nederlandse ervaring

Daarom is Japan  zeer geïnteresseerd in de Nederlandse ervaring op gebied van offshore windmolenparken; wat zijn de gevolgen voor vissen en vogels en hoe ga je om met conflicten met de visserij. Veel interesse is er ook in de mogelijkheden van alternatieve kustverdediging waarbij de natuur meehelpt,  Building with Nature.  Nederlandse onderzoekers, oa van  IMARES Wageningen UR, hebben op dit gebied ervaring met projecten zoals oesterriffen als kustverdediging en de zandmotor. Het Nederlandse EcoShape Consortium, waar ook IMARES deel van uitmaakt, heeft  op het gebied van Building with Nature unieke ervaring en is wereldwijd trendsetter.

Hoofd thema’s van het seminar

1 - ecodynamisch design bij offshore ontwikkeling

De Ecodynamisch design of Building with Nature aanpak is door het Nederlandse  EcoShape Consortium ontwikkeld. Het basisprincipe is om de krachten en dynamiek van natuurlijke systemen te gebruiken om de gewenste infrastructuur te creëren. Dit heeft de potentie om  natuur en menselijke activiteiten in balans te brengen. (linken naar:

2. Cumulatief effect evaluaties

IMARES heeft een methode ontwikkeld om de cumulatieve effecten van meerdere activiteiten te beoordelen op zee. Cumulatieve effect Assessments (CEA) moet worden beschouwd als een volledige milieu-effecten beoordeling en kan dus deel uitmaken van een MER en SMB. De methode, ontwikkeld door IMARES, is geschikt voor  een kwalitatieve en volledig kwantitatieve benadering en volledig transparant over hoe de resultaten zijn gekoppeld aan de kennis en aannames.(linken naar:

3. Offshore windenergie

In de Noordzee zijn veel ontwikkelingen op gebied van windmolen parken. Het eerste Nederlandse offshore windpark is gebouwd in 2006. Het bestaat uit 36 turbines met een totale capaciteit van 108 MW. IMARES is betrokken geweest bij het monitoren van de effecten bij het ontwikkelen van het park. Algemene conclusies zijn onlangs gepubliceerd door Lindeboom et al. 2012. Het windpark lijkt te fungeren als een nieuw type habitat met een grotere biodiversiteit van benthische organismen, een mogelijk toegenomen gebruik van het gebied door het benthos, vissen, zeezoogdieren en sommige vogelsoorten en een verminderd gebruik door verschillende andere vogelsoorten. (linken naar:

4. Marine Ruimtelijke Ordening

Marine Ruimtelijke Ordening wordt gebruikt door verschillende landen rond de Noordzee. Maar omdat de grens van de EEZ in het midden van de Noordzee ligt, is er behoefte om de  mogelijkheden van grensoverschrijdende ruimtelijke ordening te verkennen. In het MASPNOSE project is een ruimtelijke ordening oefening gedaan om een visserijbeheer plan voor de Doggersbank te maken. Kaart-tabellen werden gebruikt om input te krijgen van de betrokken partijen en om mogelijke ruimtelijke strategieën te ontwerpen. Om grensoverschrijdende ruimtelijke ordening te laten werken, moet  een duidelijk mandaat worden vastgesteld en een duidelijk overzicht van de processtappen.