Minder afval in zee door gedragsverandering vissers

Minder afval in zee, door gebruik te maken van praktijkkennis

Het verminderen van afval in zee is een zeer actueel onderwerp, zeker met zo’n containerramp bij de Waddenzee begin dit jaar. Er zijn verschillende bronnen van afval. Een van die bronnen is de visserij. En daar gaat dit project over. Wij willen door goed te kijken naar wat er in de praktijk gebeurt, samen met betrokken partijen, zoeken naar oplossingen.

Afval inzamelen op een manier dat je het zo goed mogelijk kunt verwerken is een brede maatschappelijke uitdaging; haal je het op, moeten mensen het ergens heenbrengen, werk je met statiegeld, gebruik je blikvangers, geef je informatie of leg je regels en boetes op? Het zijn allemaal mogelijkheden voor overheid en bedrijfsleven om afvalinzameling te organiseren. Ook op zee wordt afval geproduceerd en ook op zee is het een uitdaging om het afval op de plek te krijgen waar je het wil hebben. Vissers zijn vaak een week of langer op zee en moeten dus hun afval (huishoudelijk en bedrijfsafval) op kunnen slaan voor het aan land kan komen.  Ook hier zijn verschillende manieren om het inzamelen van dit afval te organiseren., ‘Om een goed systeem te verzinnen om dat afval aan land te krijgen, is het belangrijk om daar samen met vissers over te praten. Zij weten tenslotte het beste wat er wel en niet werkt’ zegt onderzoeker Katell Hamon van Wageningen Economic Research. ‘De overheid is van oudsher geneigd te werken met regels, maar goed kijken naar gedrag (wat doen mensen en waarom en wat is de praktijk) werkt vaak beter’. Dat idee heeft ze ingebracht bij beleidsmakers, vissers en havenautoriteiten in de Green Deal voor een schone visserij, waar ze een luisterend oor vond. Hamon introduceerde verschillende manieren om gedrag te veranderen, door kleine zetjes in de juiste richting te geven.

Bijvoorbeeld door vissers het gemakkelijker te maken om afval aan land te brengen en in de juiste afvalcontainer te gooien. In een aantal havens gebeurt dit al. Er is een afvalstation gekomen, of iemand komt het afval met een auto ophalen bij de aanlegsteiger. Het op het juiste moment ophalen van afval kan ook helpen. Het idee is dat een visser een berichtje ontvangt zodra de haven in zicht is, met de vraag hoeveel afval hij aan boord heeft, en of het opgehaald moet worden. Ook het sociaal maken van afval inzamelen kan helpen, denkt Hamon. De visserij kan via  sociale media bekend maken hoeveel afval ze opgevangen hebben. Zo krijgt de visserij een positief imago en worden anderen aangemoedigd hetzelfde te doen.

Een aantal van deze ideeën worden al in praktijk uitgeprobeerd, en lijken effect te hebben. Hamon werkt aan dit onderzoek in het Living Lab over gedragsverandering. Ze werkt samen met Andries Richter, onderzoeker bij de leerstoelgroep Milieueconomie en Natuurlijke Hulpbronnen van Wageningen Universiteit, Marloes Kraan (Wageningen Marine Research) en Eva van den Broek (Wageningen Economic Research). ‘Ik heb veel geleerd door de samenwerking in het living lab met collega’s’, zegt Hamon. ‘Wij ontwerpen en doen de experimenten. Onderzoekers bij de universiteit denken mee en geven meer theoretische onderbouwing. Mede door het living lab ben ik nu naast visserij-econoom, ook expert op het gebied van gedragsverandering en gedragseconomie.’

Living lab is een nieuwe onderzoeksaanpak waar niet alleen gebruik wordt gemaakt van theoretische kennis, maar gedragsinzichten in een multidisciplinaire aanpak in ‘real life’- situaties met ‘echte mensen’ worden getest. WUR gebruikt deze methode bijvoorbeeld voor gedragsonderzoek naar voeding en klimaatverandering.