Ondervoeding bij ouderen

Ondervoeding bij ouderen

Ouderen hebben minder energierijke voeding nodig dan jongere volwassenen, maar evenveel of meer voedingsstoffen, zoals vitamine D en eiwitten. Dit betekent dat ouderen meer nutriëntenrijke voeding moeten eten en minder ’lege calorieën’. Dat is niet eenvoudig: de eetlust van ouderen neemt vaak af en de inname van voeding is veelal niet toereikend om in de dagelijkse behoeftes te voorzien.

Als ouderen te weinig energie en voedingsstoffen binnen krijgen kan dit leiden tot onbedoeld gewichtsverlies en ondervoeding. Ondervoeding heeft ernstige gevolgen voor de gezondheid door verlies van spiermassa en verminderde afweer. Tevens vermindert de kwaliteit van leven en neemt de kans op sterfte toe.

Zorginstellingen versus thuiswonend

De Landelijke Prevalentiemeting Zorgproblemen (LPZ) schat dat circa 25-35% van de ouderen in ziekenhuizen en verpleegtehuizen ondervoed is. De afgelopen jaren is een geleidelijke afname te zien van ondervoeding, o.a. door een betere screening op ondervoeding in zorginstellingen. Bij thuiswonende ouderen - het grootste deel van de ouderen - wordt ondervoeding echter nauwelijks gemeten. Recente studies schatten dat in Nederland 7-12% van de ouderen zonder thuiszorg ondervoed is. Voor ouderen met thuiszorg lopen de schattingen uiteen van 12 tot 35%. Bijkomend probleem is dat ouderen zich vaak niet bewust zijn van mogelijke ondervoeding.

Onderzoek Wageningen UR

Wageningen UR onderzoekt hoe ouderen gezond ouder kunnen worden door goed aan te sluiten bij de wensen en behoeften van de oudere consument.

Meer informatie over ons onderzoek