BelevingsGIS: aantrekkelijkheid van landschap berekenen met GIS

Het BelevingsGIS combineert vier kenmerken van het landschap tot één kaart voor de visuele aantrekkelijkheid van het buitengebied. Er zijn twee positieve indicatoren (natuurlijkheid en historische kenmerkendheid) en twee negatieve (horizonvervuiling en stedelijkheid). Het BelevingsGIS kan een bouwsteen zijn bij het ontwikkelen van planvarianten of een criterium bij het beoordelen van verschillende varianten.

Plussen

De indicator natuurlijkheid wordt bepaald door de oppervlakte aan bossen, duinen en andere natuurlijke landschappen. Bij aanwezigheid van natuurlijk water (beken, rivieren, plassen, meren en zee) stijgt de waardering. Daarnaast is de zichtbaarheid van de vegetatie meegenomen.

De waardering van het landschap die te maken heeft met de ontstaansgeschiedenis of herkenbaarheid van een gebied wordt samengevat in de indicator historische kenmerkendheid. Cultuurhistorische monumenten en beschermde stads- en dorpsgezichten vormen de basis van de waardering.

Minnen

Onder horizonvervuiling worden hoogbouw, hoogspanningsmasten en windturbines verstaan. De zichtbaarheid ervan wordt afhankelijk verondersteld van de hoeveelheid opgaande vegetatie in de omgeving van de waarnemer.

De indicator stedelijkheid is afgeleid van het oppervlakte-percentage aan stedelijke bebouwing en kassen. Vervolgens wordt de stedelijke uitstraling op de omgeving berekend, en de zichtbaarheid daarvan.

Praktijk: opbrengst verwijderen hoogspanningsmasten

Horizonvervuilingsscore in het gebied rondom de eventueel te verkabelen lijn, voor en na verkabeling
Horizonvervuilingsscore in het gebied rondom de eventueel te verkabelen lijn, voor en na verkabeling

Wageningen Environmental Research heeft het effect van het verkabelen van de hoogspanningslijn op het traject Winsum-Brillerij-Ranum op de belevingswaarde van het landschap binnen 2,5 km van deze lijn onderzocht met BelevingsGIS. In het kaartbeeld zijn de bestaande hoogspanningslijnen opgenomen. Vervolgens is te verkabelen lijn uit de invoerdata gehaald en is het model opnieuw gedraaid. Door de verkabeling daalt de score voor horizonvervuiling in ongeveer tweederde van de potentile invloedssfeer, oftewel in ruim 3500 hectare. Binnen dat deel van de invloedssfeer is er sprake van een gemiddelde toename met 0,3 schaalpunt als gevolg van het verdwijnen van de hoogspanningslijn. Binnen Nederland ligt de aantrekkelijkheidscore tussen 1 en 10; waarbij de gemiddelde score voor 50% van het buitengebied tussen 7,4 en 8,9 ligt.