Citizen science kan sleutel zijn in strijd tegen malaria

Nieuws

Citizen science kan sleutel zijn in strijd tegen malaria

Gepubliceerd op
7 september 2020

Een jaar lang hebben meer dan honderd vrijwilligers op het platteland van Rwanda melding gemaakt van muggenoverlast en muggen verzameld met zelfgemaakte vallen. Deze data is door onderzoekers van Wageningen University & Research en de universiteit van Rwanda gebruikt om te zien waar en wanneer het risico op malaria het grootst is. De resultaten laten zien dat citizen science (burgerwetenschap) veel potentie heeft om de ziektelast van malaria wereldwijd te verminderen.

Elk jaar worden er wereldwijd meer dan 200 miljoen malariagevallen gemeld, die leiden tot meer dan 400.000 doden. Het aantal malariagevallen in Afrika ten zuiden van de Sahara, neemt de afgelopen jaren toe. In Rwanda steeg het aantal gevallen van 1,1 miljoen in 2012 tot 4,7 miljoen in 2016. Deze toename werd waargenomen in alle leeftijdsgroepen. Meer dan 62 procent van alle malariagevallen werd gezien in de tien districten met het grootste aantal gevallen, met name in de oostelijke en zuidelijke provincies.

Citizen science voor betere controle en bestrijding

Om de bestrijding van malaria te versnellen, roept de Wereldgezondheidsorganisatie op om te investeren in nieuwe methoden en middelen. Grootschalige monitoring van muggen is nodig om de risico’s op malaria in kaart te brengen en de bestrijding van malaria rendabel te maken. De lokale bevolking kan hier een belangrijke rol in spelen, maar er is nog weinig bekend over de manier waarop zij het beste betrokken kunnen worden bij malariabestrijding. Daarom hebben Domina Asingizwe en Marilyn Milumbu Murindahabi in hun promotieonderzoek gekeken naar het potentieel van citizen science voor de controle en bestrijding van malariamuggen in de Ruhuha Sector in Rwanda. Hun onderzoek richtte zich op vijf dorpen waar nog geen monitoring van muggen plaatsvond. De lokale bevolking speelde een belangrijke rol bij het bepalen van hun onderzoeksactiviteiten.

Malaria-hotspots gevonden door meldingen van muggenoverlast

Door mensen te laten melden hoeveel muggenoverlast ze ervaren en of er malariagevallen zijn in hun huishouden, konden malaria-hotspots worden geïdentificeerd. Een jaar lang meldden meer dan honderd huishoudens maandelijks hoeveel overlast ze hadden, variërend van 1 (geen overlast) tot 5 (heel veel overlast). Op deze manier werden malaria-hotspots gevonden in het zuidelijke deel van de Ruhuha Sector, vooral in de dorpen Busasamana en Kibaza. In dorpen dichter bij de rivier en lagergelegen dorpen waren er meer malariagevallen. Tijdens de onderzoeksperiode meldde 66 procent van de huishoudens ten minste één bevestigd malariageval in hun huishouden. De overlast was het grootst in december, januari en februari. In deze maanden werden er gemiddeld ook veel muggen gevangen in handgemaakte vallen. Verder waren Kibaza en Busasamana de dorpen waar de meeste malariamuggen werden verzameld door de vrijwilligers.

Kaart die de Ruhuha Sector laat zien met de vijf dorpen waarin het Citizen Science programma is geïmplementeerd (Busasamana, Kagasera, Kibaza, Kiyovu en Mubano). De roze stipjes staan voor de locatie van de huishoudens (vrijwilligers) van waaruit de obeservaties zijn gerapporteerd.
Kaart die de Ruhuha Sector laat zien met de vijf dorpen waarin het Citizen Science programma is geïmplementeerd (Busasamana, Kagasera, Kibaza, Kiyovu en Mubano). De roze stipjes staan voor de locatie van de huishoudens (vrijwilligers) van waaruit de obeservaties zijn gerapporteerd.

Vrouwen doen mee uit nieuwsgierigheid en leergierigheid

De motivatie om deel te nemen aan het onderzoek varieerde tussen verschillende leeftijdsgroepen en tussen mannen en vrouwen. Jonge vrijwilligers en vrouwen waren vooral gemotiveerd om deel te nemen aan het programma vanwege hun nieuwsgierigheid en leergierigheid. Volwassen vrijwilligers en mannen werden vooral gemotiveerd vanwege hun bijdrage aan de bestrijding van malaria. Verschillende delen van de bevolking bleken dus verschillende motivaties te hebben. In programma’s voor citizen science blijken verschillende benaderingen nodig te zijn voor werving en betrokken houden van de diverse doelgroepen.

Een val die is gezet in het huis van een vrijwilliger in Kibaza, een van de vijf geselecteerde bewoners uit Ruhaha. (Foto genomen in oktober 2019)
Een val die is gezet in het huis van een vrijwilliger in Kibaza, een van de vijf geselecteerde bewoners uit Ruhaha. (Foto genomen in oktober 2019)

Verbetering van de gezondheid in de gemeenschap

Tijdens het onderzoek hebben zowel de vrijwilligers als anderen in de gemeenschap kennis opgedaan over muggensoorten, en kennis en vaardigheden over het gebruik van maatregelen voor malariabestrijding in het algemeen. De acceptatie van binnenshuis spuiten met bestrijdingsmiddelen is bij ongeveer de helft van de deelnemers toegenomen. Ook de kennis onder mensen die niet actief waren als vrijwilliger is toegenomen. Hieruit blijkt dat informatie over het project ook buiten de groep van vrijwilligers werd verspreid. Een citizen-scienceprogramma kan dus mensen betrekken die zelf gegevens voor het programma verzamelen en aanleveren, maar ook de gezondheid in de gemeenschap verbeteren door volksgezondheidsproblemen aan te pakken.

Brede maatschappelijke impact

Het opzetten en beheren van citizen-sciencenetwerken is niet eenvoudig, maar de resultaten laten zien dat een citizen-scienceprogramma voor malariabestrijding kan worden ingezet om de controle van malariavectoren uit te breiden naar gebieden waar nog geen muggenmonitoring plaatsvindt. Citizen science levert gedetailleerdere gegevens over de variatie van het malariarisico in verschillende gebieden en seizoenen. Als inwoners actief worden betrokken bij het onderzoek en contact hebben met de onderzoekers, ontstaat er een belangrijke en brede maatschappelijke steun voor maatregelen ter bestrijding van malaria, in samenwerking met de lokale autoriteiten. De onderzoeksresultaten en de opgedane kennis uit de twee promotieonderzoeken vormen een waardevolle bron in de bestrijding van malaria in Afrika en daarbuiten.

Muggenradar.nl

Het muggenonderzoek in Rwanda is in belangrijke mate gebaseerd op Muggenradar.nl, het Nederlandse citizen science programma van WUR. Sinds 2016 registreren vrijwilligers hier de mate waarin ze muggenoverlast ervaren en wordt er informatie verzameld over wat vrijwilligers zelf doen om muggenoverlast tegen te gaan. Momenteel loopt er een zomercampagne in Nederland, waarbij deelnemers wekelijks gevraagd worden hoeveel muggenoverlast ze in het voorgaande weekend hebben ervaren. Op 31 augustus is de tussenstand van de mate van muggenoverlast in Nederland deze zomer gepubliceerd op basis van ruim 1700 waarnemingen. Met Muggenrader willen we beter in beeld krijgen welke risico’s steekmuggen met zich mee brengen in verband met de overdracht van ziektes. We onderzoeken hoe overlast te voorkomen is en hoe de risico’s op overdracht van ziektes in de toekomst te verkleinen zijn.

EVOCA

Het project in Rwanda laat zien dat de Muggenradarmethodologie ook op het platteland van Rwanda toe te passen is bij de aanpak van malaria. Het Rwandese muggenproject is een van de zes onderdelen van het grote door WU-INREF gefinancierde onderzoeksprogramma “Responsible life-science innovations for development in the digital age: EVOCA”. EVOCA laat zien hoe je de samenleving kunt betrekken bij het oplossen van complexe problemen, zoals de invloed van tekenziekten op vee en wild in Kenia, irrigatie voor voedselproductie in Ghana, voorkomen van ziekten bij aardappelproductie in Ethiopië, duurzame intensivering van cacaoproductie in Ghana en de beheersing van de bananenziekte in Rwanda.

  • Titel proefschrift van Marilyn Milumbu Murindahabi: Citizen science for malaria vector surveillance in Rwanda.
  • Titel proefschrift van Domina Asingizwe: Citizen science for malaria control in Rwanda; Engagement, motivation and behaviour change.

Reeds gepubliceerde proefschrifthoofdstukken: