Paratuberculose Programma Nederland

Persbericht

10 jaar Paratuberculose Programma Nederland

Gepubliceerd op
14 januari 2016

In 2016 bestaat het Paratuberculose Programma Nederland (PPN) 10 jaar. PPN heeft als doel de infectie op Nederlandse melkveebedrijven te beheersen. Het programma is gebouwd aan de hand van resultaten van onderzoek van Central Veterinary Institute, onderdeel van Wageningen UR (CVI), de faculteit Diergeneeskunde (FD) van de Universiteit Utrecht en GD. In de afgelopen tien jaar is veel nieuwe kennis verkregen. Recente publicaties in een speciale uitgave van Veterinary Research zijn daar een goed voorbeeld van.

Paratuberculose, internationaal ook bekend als Johne’s disease, is een besmettelijke infectieziekte, die veroorzaakt wordt door besmetting met de bacterie Mycobacterium avium subspecies paratuberculosis (MAP). Vooral herkauwers, met name bij rundvee en geiten, zijn gevoelig voor de ziekte. Paratuberculose komt wereldwijd voor en is ook in Nederland endemisch.

In de periode 1997-2005 voerden de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD), de faculteit Diergeneeskunde en CVI grootschalig onderzoek uit naar de beheersing van paratuberculose. Hierbij onderzochten zij hoe een besmetting kan worden vastgesteld, hoe paratuberculose op besmette bedrijven kan worden beheerst en hoe de verspreiding van de infectie tussen bedrijven kan worden beperkt. Het onderzoek leidde tot de ontwikkeling van PPN. In 2006 ging PPN van start. Runderen op deelnemende bedrijven worden via melk- of bloedonderzoek getest. Besmette bedrijven worden gestimuleerd om preventieve maatregelen door te voeren in hun bedrijfsvoering om de infectie te beheersen.

Speciale uitgave van Veterinary Research

Het onderzoek naar de bacterie die paratuberculose veroorzaakt en hoe deze bacterie zich in dieren gedraagt, loopt nog steeds door. In de speciale uitgave van Veterinary Research wordt het onderzoek beschreven naar immunologische en epidemiologisch modelering van de infectie in runderen en de verspreiding van de infectie tussen runderen. Deze combinatie van onderzoek is innovatief en verschaft nieuwe en belangrijke inzichten. Een belangrijke bevinding uit het onderzoek is de aanwezigheid van twee aparte infectietrajecten. Sommige geïnfecteerde dieren maken een snelle ziekte progressie door naar hoge uitscheiding van paratuberculose-bacteriën in de mest, terwijl andere dieren jarenlang laag of intermitterend blijven uitscheiden. De epidemiologie en de immunologie van deze aparte infectie beelden worden in detail beschreven.

De bevindingen ondersteunen de aanpak die in PPN gevolgd wordt. In PPN ligt de focus op het opsporen en afvoeren van de runderen die een progressie naar hoge uitscheiding doormaken. Daarom zijn de koppelonderzoeken in PPN primair gericht op de detectie van afweerstoffen tegen paratuberculose.

De beschreven multidisciplinaire aanpak is essentieel om deze belangrijke infectieziekte op melkveebedrijven verder aan te pakken. Het onderzoek werd uitgevoerd door vooraanstaande immunologen en epidemiologen vanuit de hele wereld. Hoewel het onderzoek vanuit de VS is geïnitieerd, hebben onderzoekers van de faculteit Diergeneeskunde, CVI en GD belangrijke bijdragen geleverd.