Algen in kassen

Nieuws

Algenteelt in kassen

Gepubliceerd op
6 juli 2015

Wageningen UR Glastuinbouw werkt sinds 2010 aan de teelt van hoogwaardige inhoudstoffen uit algen, geproduceerd in Nederlandse kassen samen met telers, toeleveranciers en met financiële ondersteuning van de het Ministerie van Economische Zaken, de Clusterregeling van de Provincie Zuid-Holland uit het Europese Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) en eerder het Productschap Tuinbouw en diverse bedrijven.

In oktober 2012 startte Wageningen UR Glastuinbouw in Bleiswijk de eerste algenteelt in zes fotobioreactoren van LGem met een reincultuur van Chlorella sorokiniana, een snel groeiend algensoort. Omgerekend naar een periode van een jaar en volledige benutting van het teeltoppervlak in de kas werd een productie van gemiddeld 3,8 kilo droge stof per vierkante meter behaald. Dat is vergelijkbaar met de drogestof-productie in de vruchten van een onbelicht tomatengewas. De kostprijs voor de productie van 1 kg drogestof-algen was nog hoog, maar wel vergelijkbaar met de prijs, die een klant van Albert Heijn voor een kilo droge stof van cherry trostomaatjes betaald.

Onderzoek naar productie van astaxanthine

Sinds 2014 richt het algenonderzoek bij Wageningen UR Glastuinbouw in Bleiswijk zich op de productie van astaxanthine uit Haematococcus pluvialis. Een consortium van ketenpartijen ondersteunt en financiert het onderzoek mede. Behalve systeemleverancier LGem en CO2-leverancier Linde Gas/OCAP zijn de telers Lans, Bunnik Plants, Bosplant en Newplant en de marktpartij Bioriginal erbij betrokken. Wageningen UR Glastuinbouw voert het onderzoek uit in samenwerking met Groen Agro Control.

Van labniveau naar kasniveau

De afgelopen twee jaar zijn belangrijke stappen gemaakt om de productie van labniveau op te schalen naar kasniveau. Er wordt nog steeds elke maand vooruitgang geboekt in het behalen van een stabielere productie en het verhogen van de opbrengst van astaxanthine. Echter, nu tegen einde van het project is het ultieme einddoel helaas nog niet volledig bereikt. Niet elke teelt lukt door bijvoorbeeld ontsmetting, hierdoor zijn teeltrisico’s nog steeds te hoog. Er is meer tijd nodig voor onderzoek naar teelt- en risicofactoren om de productie op te schalen naar de praktijk.