Nieuws

De veranderende wereld van de gans

Gepubliceerd op
17 maart 2014

“From an endangered thing to almost a pest.” Zo vatte dagvoorzitter Ron Ydenberg de positieverandering van de gans in deze wereld samen tijdens het congres ‘The changing world of the goose’ van vrijdag 14 maart. Het congres behandelde de meest recente ontwikkelingen in de ganzenpopulaties op het noordelijk halfrond, inclusief de rol van de mens daarin. De wetenschappelijke organisatie was in handen van Ron Ydenberg, Sip van Wieren (Wageningen University) en Bart Ebbinge (Alterra).

Groeiende populaties ganzen

Sinds de jaren ’70 is de ganzenpopulatie op veel plaatsen op het noordelijk halfrond sterk gegroeid. In Nederland was de beperking van de jacht de belangrijkste oorzaak. Volgens Bart Ebbinge (Alterra) verbeterde weliswaar ook het voedselaanbod in de winter, maar dat had niet veel invloed op de omvang van de populatie. Datzelfde ontdekte Jesper Madsen (Aarhus Universiteit, Denemarken) bij zijn onderzoek naar ganzen in Europa. Gilles Gauthier (Laval Universiteit, Canada) gaf aan dat ook in Canada de populatie sterk steeg sinds de jaren ’70, maar dat een verandering in het voedselaanbod daar de belangrijkste reden was. Door de opkomende landbouw namen graan en gras in het ganzendieet de plaats in van moerasplanten. PhD-student Mikhail Grishchenko (Wageningen, Moskou) liet zien dat de trekroutes van ganzen in Rusland veranderden vanwege een verminderd voedselaanbod door de leegloop van het Russische platteland na stopzetting van subsidies na 1991 (het uiteenvallen van de USSR). In het algemeen echter is overal het voedselaanbod voor de gans sterk verbeterd, met name vanwege de intensivering van de landbouw waardoor er grote monotone oppervlakten met gras beschikbaar kwamen, ook in de winter.

Aanpak overlast ganzen

Wat er aan de overlast door ganzen gedaan kan worden is minder eenvoudig. Het verjagen naar opvanggebieden is lastig als er in de buurt gebieden liggen met een overvloedig voedselaanbod, stelde Julia Stahl van SOVON Nederland. PhD student Marinde Out (Fraser University, Canada) liet zien dat de trekroutes van ganzen kunnen veranderen door de opkomst van de zeearend (nee, nog niet in Nederland). Jesper Madsen constateerde dat er in Europa nog teveel wordt gedaan aan ‘management by chance’, en ook anderen vielen hem bij in de constatering dat er nog weinig regie zit op het ganzendossier. De discussie in Nederland gaat onder andere over de rol van jacht. Maar daar is de G8 (het ganzenakkoord met 8 maatschappelijke groeperingen) al gereduceerd tot de G7, nadat de jagers zich eruit teruggetrokken hadden. Voor de Vogelbescherming was de oplossing helder: alle jacht moet worden gestopt. “Ganzen horen op dezelfde manier bij Nederland als klompen,” zei Joachim van der Valk. Uit de zaal kwam de vraag welke predatoren de populatie dan in toom zouden moeten houden.

IJsbeer als predator

Jouke Prop van de Universiteit van Groningen deed onderzoek naar predatoren van de gans op Spitsbergen. Hij ontdekte iets heel bijzonders. Sinds 2000 hebben de ijsberen ter plekke ontdekt dat ganzeneieren lekker zijn. Ze hebben individuele technieken ontwikkeld om het eistruif uit het ei te halen, en sinds kort keren ijsberen die dat ontdekt hebben met hun jongen terug naar de ganzenbroedgebieden om ook hen te leren hoe dat moet. Zo zijn ijsberen in staat om het broedsucces op bepaalde plekken tot vrijwel nul terug te brengen. Ook van elders in de poolgebieden komen dergelijke signalen. Voor Nederland lijkt deze vorm van natuurlijke predatie echter geen oplossing. Er was, ondanks de ecologische kennis uit alle delen van de wereld, niemand die de definitieve oplossing op het projectiescherm liet zien. Eerst moet er trouwens nog een ander probleem worden opgelost. Om met Bart Ebbinge te spreken: hoe bepalen we eigenlijk hoeveel ganzen we hier tolereren?