Eerste test ruwvoertool geeft ruimte aan voor 24% hogere graslandopbrengst

Nieuws

Eerste test ruwvoertool geeft ruimte aan voor 24% hogere graslandopbrengst

Gepubliceerd op
10 april 2018

Tijdens de bijeenkomst van de Nederlands-Vlaamse Vereniging voor Weide- en Voederbouw (NVWV) over ’t Beste bouwplan presenteerde Koos Verloop enkele eerste resultaten van de ruwvoertool. Dit instrument wordt ontwikkeld in de PPS Ruwvoer en Bodem. De ruwvoertool bestaat onder andere uit een bedrijfsvenster dat per melkveebedrijf zicht biedt op het verschil tussen de actuele productie van gras en maïs en de haalbare productie. Dit venster werd als test op Koeien & Kansen-bedrijven toegepast. Deze test liet zien dat de productie gemiddeld over alle bedrijven 24% lager is dan maximaal haalbaar.

De ruwvoertool moet bedrijfsspecifiek aangeven of en hoe de veehouder de ruwvoerproductie kan verbeteren. De mogelijke verbetering is zichtbaar in een bedrijfsvenster. Dit bedrijfsvenster geeft de actuele opbrengst en kwaliteit van gras en ma├»s weer. Bovendien geeft het kengetallen voor de overschotten van stikstof en fosfaat en de benuttingseffici├źntie. Deze kengetallen worden telkens afgezet tegen wat bij optimale teeltcondities maximaal haalbaar is.

Actuele en haalbare droge stof-opbrengst

De eerste tests werden uitgevoerd met droge stof-opbrengst, waarbij het bedrijfsvenster het verschil aangeeft tussen de haalbare opbrengst (Yp) en de actuele opbrengst (Ya). De Ya wordt bepaald in de KringloopWijzer. Yp is berekend met het model Grasmod, ontwikkeld door Gert Jan Holshof. Het model schat de haalbare opbrengst met behulp van weergegevens. Het resultaat is afhankelijk van het niveau van N-bemesting en het al dan niet beweiden. Door ook rekening te houden met de mate van vochtvoorziening, die op zijn beurt afhankelijk is van grondwaterstand en bodemeigenschappen, kan het bedrijfsvenster de opbrengst berekenen die haalbaar is met de beschikbare hoeveelheid water (Yw).

Opbrengst kan omhoog

Het resultaat voor elk individueel bedrijf vormt de basis voor zoektocht naar oorzaken. De test met 14 van de 16 Koeien & Kansen-bedrijven liet zien dat de opbrengst van grasland gemiddeld over het gehele project nog 24% omhoog kan. De ruimte voor opbrengstverhoging lijkt verschillend te zijn voor verschillende grondsoorten. In klei en nat zand is de Ya maar 10% lager dan Yp. Op veen en droog zand is dat verschil veel groter. Ook opvallend is, dat op veel bedrijven de Yp pas bereikt wordt bij verhoging van de vochtbeschikbaarheid. Dat is te zien aan het toch nog aanzienlijke verschil tussen Yp en Yw. In deze eerste test is nog niet gecorrigeerd voor beheersgrasland. Deze correctie zal zeker andere resultaten geven.

Figuur 1: Actuele, water gelimiteerde en maximaalbare droge stof opbrengsten (Ya, Yw en Yp) in grasland, berekend voor 14 Koeien en Kansen-bedrijven
Figuur 1: Actuele, water gelimiteerde en maximaalbare droge stof opbrengsten (Ya, Yw en Yp) in grasland, berekend voor 14 Koeien en Kansen-bedrijven

Maar hoeft niet omhoog

Het doel van het bedrijfsvenster is overigens niet om iedereen voor te houden dat de productie alsmaar omhoog moet. Die keuze hangt af van de bedrijfsopzet en ook van andere functies van grasland. Bij een kruidenrijk grasland zal een andere opbrengstverwachting horen. Onderzoekers overwegen om ook deze functies in het bedrijfsvenster op te nemen.