Micrometeorological measurements at Kendall Grassland, Arizona (Credit: Russ Scott, USDA-ARS)

Nieuws

Extreme droogte had minder impact op koolstofopname van bossen dan gedacht

Gepubliceerd op
26 april 2016

Naarmate het klimaat opwarmt lijken droogtes extremer en frequenter te gaan worden. De afgelopen twee decennia hebben grote delen van de VS te kampen gehad met extreme droogte. Wouter Peters en Ingrid van der Laan-Luijkx brachten met collega’s de gevolgen van de extreme droogte in 2012 voor de koolstofopname door planten in kaart. De schade bleek in ieder geval bij bossen binnen de perken te blijven. Maar dat gold niet voor de graanoogst.

Droogte

Een extreme droogte had in 2012 een groot deel van de VS in zijn greep. Het ging in totaal om zo’n 62 procent van het landoppervlak. Sinds de Dust Bowl in de jaren ‘30 had in de Verenigde Staten niet eerder een zo groot gebied zo van droogte te lijden. De schade aan allerlei soorten gewassen was groot. Wouter Peters en Ingrid van der Laan-Luijkx onderzochten samen met onder andere Sebastian Wolf van het ETH in Zurich de gevolgen van deze droogte voor de koolstofopname door planten, om zo de wisselwerking tussen planten en de atmosfeer beter te leren begrijpen. Het onderzoek is vandaag gepubliceerd in de Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS).

Verrassende uitkomst

“De uitkomst was verrassend,” zegt Wouter Peters. “De impact van de zomerdroogte op de totale jaarlijkse koolstofopname door planten was veel beperkter dan we hadden gedacht. Dat kwam omdat de bossen aan de oostkust tijdens het voorjaar al gebruik maakten van de hogere temperaturen om een groeispurt te maken. Dit kunnen we staven door metingen aan de grond en in de atmosfeer, onder andere met behulp van satellieten. Mogelijk heeft deze extra groei in het voorjaar ook voor extra snelle uitdroging van de bodem gezorgd, wat een interessante koppeling in het koolstof-vegetatie-systeem is. Hier zullen we zeker vervolgonderzoek naar gaan doen.”

CarbonTracker

Het onderzoek is, behalve met satellietmetingen, gedaan met behulp van een groot meetnetwerk aan de grond, waarbij de uitwisseling van waterdamp en CO2 boven de vegetatie (de flux) van minuut tot minuut wordt gemeten. De aldus verkregen gegevens zijn vervolgens gecontroleerd met CarbonTracker dat door de leerstoelgroep Meteorologie en Luchtkwaliteit is ontwikkeld. “Dit laat zien dat onze Wageningse CarbonTracker een krachtig instrument is om veranderingen in de koolstofcyclus te begrijpen. Op voorwaarde dat er voldoende wordt gemeten natuurlijk,” zegt Ingrid van der Laan-Luijkx. “Uit de uitkomsten blijkt dat dankzij de sterke CO2-opname tijdens het warme voorjaar de schade in de zomer in termen van koolstofopslag in bossen beperkt bleef. Maar de daaropvolgende zomerhitte en de veel lagere graanoogst dat jaar kunnen wel eens de prijs hiervan geweest zijn.”

Onverwachte processen

Wouter Peters: “Het gebeurt niet vaak dat zulke diverse meetgegevens zo’n helder en consistent beeld geven van de interacties tussen planten en de atmosfeer. Met dit onderzoek plukken we de vruchten van een aantal mooie onderzoeklijnen die de AIO’s en PostDocs in mijn groep de afgelopen paar jaar hebben ontwikkeld. Het inzicht in de koppelingen tussen land en atmosfeer, met name als het gaat om verdamping en koolstofopname door planten, is belangrijk om de gevolgen van droogte voor de landbouw en de bosbouw in te kunnen schatten. Het consistente beeld dat we nu met behulp van diverse metingen hebben, laat zien dat er onverwachte processen optreden die een plek moeten krijgen in de modellen die we gebruiken om droogtes wereldwijd te voorspellen.”

Publicatie

Lees de paper ‘Warm spring reduced carbon cycle impact of the 2012 US summer drought’