Nieuws

Fokken met sociale kenmerken zorgt voor beter welzijn

Gepubliceerd op
18 november 2014

Sociaal gedrag van dieren is gedeeltelijk genetisch bepaald. Tot nu toe werd hierbij alleen naar het dier zelf gekeken, maar selectiemethoden waarbij ook de effecten op de groepsgenoten worden meegenomen blijken veel succesvoller. In een artikel dat vorige week is verschenen in Frontiers in Genetics zetten onderzoekers van Wageningen UR alle kennis hierover op een rijtje. Het fokken met sociale genetische kenmerken blijkt veelbelovend en kan in de toekomst mogelijk gelijktijdig de dierlijke productie en het welzijn verbeteren in de veehouderij.

Sociale interacties tussen dieren die in een groep leven kunnen zowel positieve als negatieve effecten op hun welzijn, productiviteit en gezondheid hebben. Negatieve effecten zijn doorgaans gemakkelijker te observeren dan positieve effecten. Zo kunnen legkippen verenpikgedrag ontwikkelen en varkens gaan staartbijten. Positieve effecten zijn dan weer verzorgend moedergedrag of samenwerking. Dit soort sociale interacties worden gedeeltelijk bepaald door het DNA en dragen bij aan de erfelijke variatie die fokkers kunnen gebruiken om rassen genetisch te verbeteren. Genetische verbetering van deze sociale eigenschappen bleek echter moeilijk te zijn, tot voor kort.

Methode

Het gebruik van ‘klassieke’ selectiemethoden, waarbij alleen naar het dier zelf gekeken wordt, leidt soms tot tegenovergestelde reacties dan gewenst. Zo kan een kip met een grote overlevingskans, tegelijkertijd meer agressie en strijdlustig gedrag vertonen naar zijn soortgenoten, wat de totale overlevingskans van de groep weer vermindert. Om sociale eigenschappen te verbeteren blijkt het cruciaal om het sociale effect van het dier op zijn groepsgenoten mee te nemen in de selectie. Uit verschillende experimenten is het succes van deze manier van selecteren naar voren gekomen: zo kan bij legkippen het verenpikgedrag en kannibalisme aanzienlijk worden teruggedrongen en bij varkens het staartbijten worden verminderd.

Toepassing

Vee wordt steeds vaker in grotere groepen gehouden, wat een toename van sociaal contact tot gevolg heeft. Bovendien worden behandelingen om de gevolgen van negatief sociaal contact te beperken, zoals het inkorten van snavels bij kippen en het couperen van staarten bij varkens, verboden in de toekomst. Hierdoor nemen deze negatieve effecten waarschijnlijk toe, tenzij actie wordt ondernomen om dit te voorkomen. De genetische variatie is aanwezig en ook de selectiemethoden zijn beschikbaar. Toch lopen we in de praktijk nog tegen een aantal uitdagingen aan. Zo zitten dieren in de veehouderij niet hun hele leven in dezelfde groep en zijn de groepen vaak groot waardoor niet duidelijk is welke dieren binnen een groep contact met elkaar hebben. Ook worden veel sociale kenmerken sterk beïnvloed door de omgeving, bovenop het genetische aspect. Verbetering van sociale kenmerken zal in de praktijk dus gerealiseerd moeten worden door zowel de omgeving als de genetica te verbeteren. Voor de verbetering van de genetica is de uitbreiding van ‘genomic selection’ (de selectie van fokdieren op basis van hun DNA) naar sociale kenmerken een veelbelovende aanpak. Dit wordt momenteel in een vervolgproject onderzocht.

Op 21 november zal Naomi Duijvesteijn, een van de co-auteurs van het artikel, haar proefschrift ‘Sociable Swine: prospects of indirect genetic effects for the improvement of productivity, welfare and quality’ verdedigen. De verdediging begint om 16:00 in de Aula van Wageningen University. Zie voor meer informatie hier de aankondiging

Lees hier het volledige artikel.