Nieuws

Grote spreiding in mineralenoverschotten op Koeien & Kansen-bedrijven

Gepubliceerd op
27 juli 2015

Het afgelopen jaar zijn de mineralenoverschotten op de Koeien & Kansen-bedrijven gedaald. Het fosfaatoverschot is gedaald tot gemiddeld -17 kilogram per hectare met een grote variatie tussen de bedrijven. Wat betekent dit?

Het jaar 2014 zal waarschijnlijk de boeken in gaan als een topjaar voor het realiseren van hoge gewasopbrengsten. Zowel de temperatuur als de gemiddelde regenval over heel Nederland waren uitermate geschikt om veel ruwvoer te oogsten en dus een hoge onttrekking van stikstof en fosfaat uit de bodem. Dit heeft dan ook geleid tot lagere mineralenoverschotten van het bedrijf op de Koeien & Kansen bedrijven in 2014 vergeleken met de jaren daarvoor (Figuur 1). Vooral het fosfaatoverschot is in 2014 fors gedaald (gemiddeld naar -17 kg/ha).

Figuur 1. De ontwikkeling van de gemiddelde stikstof- en fosfaatoverschotten per ha van het bedrijf op de Koeien & Kansen-bedrijven in de periode 2011-2014.
Figuur 1. De ontwikkeling van de gemiddelde stikstof- en fosfaatoverschotten per ha van het bedrijf op de Koeien & Kansen-bedrijven in de periode 2011-2014.

Mineralenoverschotten gedaald in 2014

Gemiddeld zijn de mineralenoverschotten op Koeien & Kansen-bedrijven in 2014 gedaald. Maar hoe zit dat op de individuele bedrijven? We zien een grote spreiding tussen de overschotten op de bedrijven (Figuur 2). Het stikstofoverschot varieert tussen 94 en 350 kg/ha en het fosfaatoverschot tussen -86 en 14 kg/ha. Bij stikstof zijn de 2 bedrijven met het hoogste overschot bedrijven op veengrond. Op deze bedrijven wordt een extra aanvoerpost van veenmineralisatie op de balans meegerekend (235 kg per ha). Op maar liefst 12 van de 16 Koeien & Kansen-bedrijven was het fosfaatoverschot negatief. Op 2 bedrijven bedroeg het fosfaatoverschot zelfs extreem negatief (< -60 kg/ha).

Figuur 2. Het stikstof- en fosfaatoverschot van het bedrijf op individuele Koeien & Kansen-bedrijven in 2014.
Figuur 2. Het stikstof- en fosfaatoverschot van het bedrijf op individuele Koeien & Kansen-bedrijven in 2014.

Verklaring voor verschillen in mineralenoverschotten

Er zijn meerdere verklaringen voor de verschillen tussen bedrijven. Gemiddeld mag dan het weer in 2014 ideaal zijn geweest voor een hoge gewasopbrengst, maar lokaal/regionaal was dat niet altijd het geval. Met als gevolg dat op de bedrijven met tijdelijke droogte geen topopbrengsten werden gerealiseerd. Het weer en daaraan gekoppeld gewasopbrengsten is maar één van de factoren die de verschillen in mineralenoverschotten tussen bedrijven verklaren. Er zijn nog veel meer factoren, waaronder het management van bemesting en van de voeding. Met andere woorden: maatwerk per bedrijf kan zorgen voor hoge opbrengsten en lage overschotten.

Meer fosfaat met het gewas van het land

Wat wel overblijft is de globale trend dat het fosfaatoverschot in 2014 op veel bedrijven beneden nul is gekomen. Dus eigenlijk ‘onderuit’ is gegaan. Dit betekent dat er meer fosfaat met het gewas van het land is gehaald dan er met meststoffen op is gekomen. Dus ook nu geen evenwichtsbemesting. Ook op niet Koeien & Kansen-bedrijven zal dat ook aan de hand zijn geweest. Het is natuurlijk mooi dat we in een jaar als 2014 veel van het land halen, maar met meerdere van die jaren achter elkaar zal dat op de lange termijn toch invloed hebben op de fosfaattoestand van de bodem. De verwachting is dat met een paar van die ‘goede’ jaren de fosfaattoestand wel op peil kan blijven. Wel met de kanttekening dat de beschikbare fosfaatmeststoffen (dierlijke mest) zorgvuldig en met beleid worden verdeeld over de gewassen én percelen.