Nieuws

In-line progesteronmetingen in koeienmelk levert nieuwe vruchtbaarheidskenmerken

Gepubliceerd op
18 april 2014

Tijdens een bijeenkomst in het kader van het Europese project PROLIFIC zijn genetische parameters van nieuwe vruchtbaarheidskenmerken gepresenteerd aan de deelnemende melkveebedrijven. Het project richt zich op het ontwikkelen van nieuwe vruchtbaarheidskenmerken, identificatie van genen betrokken bij vruchtbaarheid, en genomic selection voor vruchtbaarheidskenmerken. Dit moet bijdragen aan een robuuste en duurzame verbetering van de vruchtbaarheid van koeien.

Op bedrijfsniveau is een goede vruchtbaarheid cruciaal voor economische duurzaamheid. Op koeniveau is een goede vruchtbaarheid belangrijk omdat het invloed heeft op de gezondheid en het welzijn van de koe en op de robuustheid van het dier. Moderne koeien met hoge melkproductie zijn het resultaat van succesvolle fokkerij, maar tegelijkertijd is de vruchtbaarheid verminderd, vandaar dat binnen het project PROLIFIC de focus ligt op de genetische aspecten van vruchtbaarheid.

Nieuwe vruchtbaarheidskenmerken

Alle deelnemende melkveebedrijven zijn uitgerust met een Herd Navigator (DeLaval, FOSS) dat routinematig het progesteronniveau in de melk meet. Op deze manier kan de cyclus van iedere koe worden gevolgd om vervolgens het juiste inseminatiemoment te bepalen en uiteindelijk de dracht vast te stellen. Onderzoekers van Wagenigen UR Livestock Research presenteerde tijdens deze bijeenkomst nieuwe vruchtbaarheidskenmerken gedefinieerd met data verzameld met de Herd Navigator.

Het betreft vooral kenmerken rond de luteale fase, de fase waarin de baarmoeder zich klaarmaakt voor een eventuele innesteling van de bevruchte eicel, en de ovulaties. Dit zijn (1) dagen tot eerste luteale activiteit, (2) tijd tussen eerste luteale activiteit en eerste inseminatie, (3) de aanwezigheid van luteale activiteit in de eerste 60 dagen van de lactatie, (4) proportie progesteronmetingen met luteale activiteit, (5) lengte van de luteale fase, (6) ovulatie interval, en (7) het aantal ovulaties voor de eerste inseminatie. Voor deze nieuwe kenmerken zijn genetische parameters geschat.

De nieuwe kenmerken (a) dagen tot eerste luteale activiteit, (b) tijd tussen eerste luteale activiteit en eerste inseminatie, en (c) proportie progesteronmetingen met luteale activiteit toonden een hogere erfelijkheidsgraad dan de traditionele vruchtbaarheidskenmerken tussenkalftijd en interval tussen afkalven en eerste inseminatie. Deze hogere erfelijkheidsgraad is een gevolg van een nauwkeurigere en meer routinematige meting en biedt mogelijkheden voor de fokkerij, omdat de fokwaarden voor deze nieuwe vruchtbaarheidskenmerken een hogere betrouwbaarheid hebben.

Genomics

Naast vruchtbaarheidsgegevens zijn ook genotypes van de koeien bepaald. Aanvullend heeft CRV een presentatie gegeven over de verschillen tussen traditionele fokwaarden op basis van afstamming en de genomische fokwaarden op basis van DNA-informatie. Aangezien het aantal bedrijven met een Herd Navigator nog beperkt is, is de vertaalslag naar officiƫle nationale fokwaardeschattingen voor de nieuwe vruchtbaarheidskenmerken in de praktijk nog niet mogelijk. Daarom zoeken we binnen het PROLIFIC-project eerst naar genen die een effect hebben op de vruchtbaarheid door middel van DNA-merkers.