Nieuws

Internationale landbouwinvesteringen doen het arme ethiopie meer kwaad dan goed

Gepubliceerd op
3 december 2018

Artikel in de Volkskrant over een essay van Ivo de Klerk, student leerstoelgroep Sociologie van Verandering en Ontwikkeling.

De afgelopen jaren groeide de hoeveelheid internationale landbouwinvesteringen snel. Goed nieuws, zou je zeggen. Maar wie er ook de vruchten van plukken, arme Ethiopiërs zijn het niet, schrijft student Ivo de Klerk.

Landbouw in ontwikkelingslanden is lang gezien als een veld waar je als investeerder beter weg kunt blijven. Tot in 2007 de voedselprijzen omhoogschoten en bleek dat er wel degelijk geld te verdienen is. Het gevolg was een ongekende investeringsgolf. De cijfers liegen er niet om: in 2006 bezaten internationale investeerders slechts 1 miljoen hectare landbouwgrond, in 2016 was dit 24 miljoen hectare.

Sommigen bekritiseren deze investeringen als landroof. Maar ze worden vooral als kans gezien. Zo noemt de FAO, de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN, gebrek aan investeringen een van de grote problemen van de landbouw in ontwikkelingslanden. Maar is dat ook zo? Ethiopië is een land dat vol heeft ingezet op het aantrekken van landbouwinvesteringen. Toch blijkt de bijdrage van de investeringen aan voedselzekerheid niet zo vanzelfsprekend als het lijkt.

Ethiopië is een prachtkandidaat voor landbouwinvesteringen. Het is een van de armste landen ter wereld en er hebben veel hongersnoden plaatsgevonden. Hoewel het land een snelle economische groei doormaakt, blijven grote delen van de bevolking afhankelijk van voedselhulp.

De Ethiopische landbouw bestaat vooral uit kleinschalige, grotendeels zelfvoorzienende boeren. Maar daarnaast is er een groeiend aantal grootschalige boerderijen, opgezet door investeerders. De Ethiopische overheid moedigt dit aan. Zo was er in 2011 al 3,6 miljoen hectare landbouwgrond opzijgezet voor deze investeerders, bijna de oppervlakte van Nederland. In de toekomst zal dit 11,6 miljoen hectare worden.

Er zijn goede redenen om dit te doen. De grootschalige boerderijen exporteren hun oogst naar het buitenland. Zo brengen ze inkomsten binnen die de Ethiopische economie hard nodig heeft. Ook zouden ze werkgelegenheid brengen en zorgen voor de verspreiding van moderne landbouwtechnieken. Bovendien schaden de nieuwe boerderijen niemand, zo garandeert de Ethiopische overheid. Ze worden alleen gebouwd op land dat niet in gebruik is. Zo wint iedereen: de investeerders hebben winst, de overheid heeft inkomsten en de lokale bevolking krijgt werk en voedselzekerheid. Tot zover klinken de investeringen inderdaad als een grote kans voor de Ethiopiërs. Helaas blijkt er in werkelijkheid weinig van dit mooie plaatje te kloppen.

Lees meer