Nieuws

Knutten prefereren runderen boven schapen

Gepubliceerd op
23 juni 2014

Een vergelijkend veldonderzoek op de Veluwe heeft uitgewezen dat runderen negen keer meer knutten aantrekken dan schapen.

Knutten zijn kleine steekinsecten die ziekteveroorzakers kunnen overdragen, zoals bijvoorbeeld het geval was in de periode 2006-2008 met het blauwtongvirus en in 2011-2012 met het Schmallenbergvirus. Het verschil in voorkeur van de insecten blijkt uit onderzoek uitgevoerd door Central Veterinary Institute (CVI), onderdeel van Wageningen UR en is een belangrijk gegeven bij bestrijdingsstrategie├źn en verspreidingsmodellen.

Knutten verspreiders van belangrijke dierziekten
Wereldwijd zijn er meer dan 1200 knuttensoorten beschreven. Knutten kunnen optreden als verspreider van vele honderden verschillende dierziektekiemen, waaronder ook belangrijke virussen als het Afrikaanse-paardenpestvirus en Equine Encephalosevirus bij paarden, en het Akabanevirus bij rundvee en schapen.
In Nederland zijn 26 verschillende knuttensoorten (Culicoides spp.) beschreven. Ongeveer 85% van de hier aanwezige knutten behoren maar tot vijf soorten: het Culicoides Obsoletus complex (C. obsoletus en C. scoticus), C. dewulfi, C. chiopterus, en C. pulicaris. Deze vijf knuttensoorten waren ook vector voor het blauwtongvirus en het Schmallenbergvirus die in de afgelopen jaren epidemie├źn veroorzaakten in Europa.

Dierziekteverspreidingsmodellen
CVI ontwikkelt dierziekteverspreidingsmodellen om de verspreiding van dierziekten te simuleren om daarmee de effecten van interventiemogelijkheden (bijvoorbeeld vaccinatie) te kunnen onderzoeken. Kennis over het voedingsgedrag van knutten is belangrijk om te begrijpen hoe dierziekten worden overgebracht tussen verschillende soorten landbouwhuisdieren, waaronder runderen en schapen. Vrouwelijke knutten hebben voor het leggen van hun eieren een bloedmaal nodig. Bij het voeden op een rund of schaap kan virus (aanwezig in de speekselklieren van een knut) worden overgebracht. Een belangrijke parameter in deze verspreidingsmodellen is naast het absolute aantal knutten ook de voorkeur van knutten voor een bepaalde diersoort. Daar was tot nu toe weinig over bekend en daarom werd er in de modellen aangenomen dat knutten een even grote voorkeur hebben voor runderen als voor schapen.

Veldonderzoek Veluwe
In mei en juni 2013 werd gedurende 5 weken op 13 verschillende dagen op een melkveebedrijf een vergelijkend onderzoek uitgevoerd, waarbij in een weide steeds een schaap en een melkkoe werden vastgezet, en de aanwezigen knutten van de huid werden opgezogen. Gedurende deze periode werden verschillende koeien en schapen ingezet. In 21 minuten bemonsteringstijd per dag (ieder uur gedurende 3 minuten, in totaal op 5 uren voor zonsondergang en 2 uren na zonsondergang) werden bij het rund gemiddeld 900 knutten gevangen, en bij het schaap gemiddeld 100 knutten. Uit deze vangsten kan worden geconcludeerd dat volwassen runderen gemiddeld negen keer meer knutten aantrekken dan schapen onder dezelfde omgevingsomstandigheden. 

Implicaties

Uit het veldonderzoek wordt ook duidelijk dat er op landbouwhuisdieren een enorme hoeveelheid knutten per dag landen en zich voeden. Zelfs bij een gering percentage besmette knutten (1 op de 1000 of minder) is er toch een gerede kans dat een besmetting met een virus kan worden overgebracht. Rundvee lijkt daarbij een duidelijk grotere rol te spelen dan schapen omdat zij duidelijk meer worden gestoken door knutten. Dit is in overeenstemming met de snelle verspreiding die werd gezien met het blauwtongvirus onder rundvee in 2006-2008. De grotere voorkeur van knutten voor rundvee in vergelijking met schapen zal in de toekomst kunnen worden gebruikt bij verspreidingsmodellen voor dierziekten die door knutten kunnen worden overgebracht.