Koeien & Kansen deelnemers benutten 37 procent van de stikstof in 2013

Nieuws

Koeien & Kansen-bedrijven benutten gemiddeld 37 procent van stikstof

Gepubliceerd op
19 juni 2014

Op de Koeien & Kansen-bedrijven bedroeg het gemiddelde stikstofoverschot 230 kg/ha in 2013. Van de totale stikstofaanvoer op het bedrijf werd 37 procent benut en omgezet in melk en vlees. Van het totale bedrijfsstikstofoverschot wordt 155 kg/ha toebedeeld aan de bodem. Het overige deel gaat verloren als ammoniak, lachgas en overige stikstofvormen uit mest en gewas.

Vanaf begin dit jaar wordt in de KringloopWijzer veenmineralisatie als aanvoer op de bedrijfsbalans in rekening gebracht. De ontwatering van veengronden zorgt namelijk voor een geleidelijke daling van de bodem en extra afbraak van de aanwezige organische stof. Deze afbraak bedraagt volgens de literatuur 235 kg stikstof per hectare. Deze komt jaarlijks (extra) beschikbaar uit de bodem. Voor bedrijven op veengrond is dit natuurlijk even slikken, te meer omdat zij daar verder niets aan kunnen doen. Om deze reden is het dan ook verstandig bedrijven op veengrond niet met bedrijven op andere grondsoort te vergelijken.

Figuur 1: Stikstofoverschot (linker as) en stikstofbenutting (rechter as) op Koeien & Kansen-bedrijven in 2013.
Figuur 1: Stikstofoverschot (linker as) en stikstofbenutting (rechter as) op Koeien & Kansen-bedrijven in 2013.

Stikstofbenutting op veen veel lager

Figuur 1 laat duidelijk zien wat de consequenties zijn van het inrekenen van de veenmineralisatie (bedrijven 15 en 16). Het stikstofoverschot is bijna twee keer zo hoog terwijl de stikstofbenutting rond de 20 procent bedraagt. Het is niet altijd zo dat een hoog stikstofoverschot automatisch leidt tot een lage benutting. De stikstofbenutting op de bedrijven 6 en 13 zijn namelijk gelijk maar het stikstofoverschot op bedrijf 13 is wel 50 kg/ha hoger. 

Het lot van het stikstofoverschot

Figuur 2: Het lot van het bedrijfsstikstofoverschot uitgedrukt in kg N/ha.
Figuur 2: Het lot van het bedrijfsstikstofoverschot uitgedrukt in kg N/ha.

In de Kringloopwijzer wordt het bedrijfs-stikstofoverschot verdeeld over bodem, ammoniak, lachgas en overig. Zoals weergegeven in figuur 2. Ammoniakverliezen ontstaan tijdens opslag en toediening van meststoffen, beweiding en uit het gewas bij veroudering. Lachgas verdwijnt tijdens opslag van organische mest en uit de bodem. Verder worden overige stikstofverliezen in rekening gebracht die verdwijnen tijdens de opslag van mest en tijdens voordrogen van gewassen (conservering). De rest van het bedrijfs-stikstofoverschot wordt toebedeeld aan de bodem. Daar kan de stikstof nog verdwijnen via denitrificatie (N2), uitspoelen naar het grondwater of toegevoegd worden aan de voorraad stikstof in de bodem.