Landbouw van de toekomst kan leren van valsspelers in de natuur

Nieuws

Landbouw van de toekomst kan leren van valsspelers in de natuur

Gepubliceerd op
31 maart 2016

Wageningse onderzoekers vragen zich in een recente publicatie af hoe de landbouw zou kunnen ‘leren’ van het fenomeen van valsspelende planten. Natuurlijke selectie zorgt er voor dat ‘valsspelende’ planten het winnen in natuurlijke gemeenschappen van planten en organismen waarmee planten een interactie aangaan. Die valsspelers pikken steeds het grootste deel in van de voedingstoffen en andere positieve zaken uit hum omgeving. Zo zijn er planten die dankzij hun grotere bloemen bestuivende insecten weglokken bij andere planten en planten extra wortels maken om nutriënten en water weg te pikken bij hun buren.

Opvallend is dat plantengemeenschappen met dat soort valsspelers vaak geen maximale zaadopbrengst hebben. Dit fenomeen wordt wel Tragedies of the Commons (Tragedies van de Meent) genoemd. Het voordeel voor een bepaalde valsspelende plant of valsspelende plantensoort komt helemaal ten goede aan die ene, terwijl alle andere planten of plantensoorten sámen het nadeel opvangen. Zo krijgt de valsspelende plant of plantensoort een selectievoordeel. Dat effect is echter onwenselijk voor de landbouw. Daar willen we immers een maximale opbrengst van het héle veld. Voor onze voedselvoorziening hebben we dus liever geen valsspelende planten in het veld staan. Sterker nog: in de landbouw zouden de planten elkaar zo min mogelijk moeten beconcurreren, want dat levert de maximale opbrengst. Maar zo makkelijk ligt het niet altijd. Want sommige van die ‘valsspeel-eigenschappen’ zijn misschien juist wel wenselijk. Zo zijn planten met extra grote vruchten aantrekkelijker voor dieren die de zaden moeten verspreiden én aantrekkelijker voor mensen als de vrucht als geheel gegeten wordt.

Selectie van plantenveredelaars

De onderzoekers stellen in hun literatuuronderzoek dat plantenveredelaars bewust én onbewust hebben geselecteerd op aanwezigheid of afwezigheid van valsspeel-eigenschappen. Zo verwachten ze dat veredelaars in het verleden onbewust planten hebben geselecteerd met een klein wortelstelsel, doordat ze op maximale opbrengst hebben geselecteerd, en dus op lage concurrentie. En natuurlijk is er op grote vruchten geselecteerd, en dus juist op hoge concurrentie. Maar er zijn ook dingen over het hoofd gezien: zo schakelen planten in dichte opstanden hun weerstand uit wellicht om beter met buren te concurreren.

Evolutie Game Theorie

De Wageningse onderzoekers stellen dat de landbouw van de toekomst geholpen zouden kunnen zijn door de kennis over de valsspeel-eigenschappen te linken met de zogenoemde Evolutie Game Theorie-computermodellen. Ze constateren dat zo’n aanpak in de bosbouw al geholpen heeft om verschillende boomtypes te selecteren die samen de beste houtopbrengst leveren. Misschien dat plantenveredelaars en telers van voedselgewassen er ook hun voordeel mee kunnen doen. Daarvoor is het wel nodig dat de kloof gedicht wordt tussen de landbouwpraktijk en de nu nog abstracte Evolutie Game Theorie-computermodellen die voor natuurlijke systemen zijn ontwikkeld. De Wageningse onderzoekers doen daar suggesties voor in hun publicatie in Trends in Ecology & Evolution.