Nieuws

Levensvatbaarheid kalveren van melkvaarzen

Gepubliceerd op
23 september 2014

In de periode 1993 – 2010 is er in Nederland een sterk dalende trend qua levensvatbaarheid van kalveren van melkvee-vaarzen geweest. In de periode 2010-2012 is deze met bijna 3% gestegen, maar verdere verbetering is gewenst. Daarom onderzochten onderzoekers van het Animal Breeding and Genomics Centre van Wageningen UR Livestock Research achterliggende factoren, in overleg met een klankbordgroep van CRV en Gezondheidsdienst voor Dieren. Het onderzoek werd gefinancierd door onder andere PZ en PVV. De belangrijkste resultaten zijn beschreven in het hoofdartikel van de september 1 uitgave van het blad Veeteelt.

Belangrijke omgevingsfactoren

Opvallend was dat het percentage levende kalveren geboren uit melkvaarzen op bedrijven in het noorden gemiddeld 8% lager was dan het percentage in het zuidoosten van het land. Uit het onderzoek bleek verder dat grote en groeiende bedrijven niet minder levend geboren kalveren van vaarzen hebben dan kleine en niet groeiende bedrijven. Bedrijven met minder dan 30 en bedrijven met meer dan 180 koeien scoorden gemiddeld 1% hoger voor levensvatbaarheid dan de middelgrote bedrijven. Het seizoen van afkalven had ook een groot effect op het percentage levend geboren kalveren uit melkvaarzen. In november is dit percentage het hoogst, en in die maand worden 3% meer levende kalveren geboren dan in februari.

Fokkerij

Het onderzoek richtte zich ook op het vinden van eventuele genetische defecten. Er werden echter geen aanwijzingen gevonden voor genetische defecten die de geobserveerde trend konden verklaren. Fokkerij bleek overigens wel een belangrijke rol te kunnen spelen bij het keren van de trend. Er is een grote spreiding aanwezig in de fokwaarde voor levensvatbaarheid tussen stieren. Vooral op bedrijven met een gemiddelde levensvatbaarheid onder het nationale gemiddelde van 87% speelt de stierkeuze een grote rol in het percentage levend geboren kalveren. Voor deze bedrijven is het raadzaam om specifiek stieren te selecteren met een hoge fokwaarde voor levensvatbaarheid.