Nieuws

Maag- en darminhoud dode vinvis vertelt meer over herkomst

Gepubliceerd op
22 augustus 2014

De dode vinvis die op 20 augustus 2014 in de Noordzee dreef bij Katwijk is mogelijk in botsing gekomen met een schip en op de boeg meegetransporteerd naar Nederland. Nader onderzoek van de darm- en maaginhoud, uitgevoerd door medewerkers van IMARES Wageningen UR, zal meer vertellen over waar het dier vandaan komt.

Botsing is waarschijnlijk doodsoorzaak

Mardik Leopold van IMARES rapporteert over de eerste uitslagen: "Het betreft een Gewone Vinvis (Balaenoptera physalus), volgens Naturalis een mannetje van 16 meter en 84 centimeter lang. Het dier lijkt acuut gestorven, mogelijk door een botsing met een schip. Het leek overigens gezond maar hiernaar loopt nog nader onderzoek. Het dier zat goed in zijn vlees en in zijn spek en had halfverteerd krill in maag en darmen (had dus tot kort voor zijn dood nog gegeten en dit voedsel komt buiten de Noordzee voor). 

Details worden nog onderzocht

Het hele beeld past goed op een botsing met een schip in het normale leefgebied van de soort (bijvoorbeeld: Golf van Biskaje), gevolgd door een snel transport op de boeg van het schip, bijvoorbeeld naar de havenmond van Rotterdam, dit overeenkomstig enkele recente eerdere gevallen. Maar allerlei details rond dit laatste geval moeten nog worden uitgezocht dus deze inschatting is nog geenszins zeker."

Aanlanding bij Katwijk

Het grote kadaver, dat ronddreef voor de kust van Katwijk en daardoor een obstakel zou kunnen vormen voor de scheepvaart, werd in overleg met de Kustwacht naar het strand gesleept. Daar konden experts van IMARES, de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht en Naturalis het dier verder onderzoeken.

Mardik Leopold: "Als locatie voor aanlanding werd het strand ten noorden van de pret-pier gekozen en ook ten noorden van het meest noordelijke strandpaviljoen om de horeca niet op te zadelen met een groot stinkend lijk op de stoep."

Ontleden op het strand

Ter plaatse werd de walvis ontleed. Dit proces diende meerdere doelen:

  1. Skelet werd zo geprepareerd voor vervoer naar Naturalis (het skelet komt zeer waarschijnlijk in de tentoonstelling nadat het is schoongemaakt, hier en daar gerepareerd en gereassembleerd);
  2. De veterinair pathologen (Utrecht) proberen de (meest waarschijnlijke) doodsoorzaak vast te stellen, alsmede de gezondheidstoestand van het dier (vlak vóór overlijden);
  3. Maag- en darminhoud worden onderzocht (IMARES) om te kunnen vast stellen wat de laatste maaltijd is geweest en op grond daarvan mogelijk waar deze maaltijd werd genoten; verder wordt maag- en darminhoud ook onderzocht op de aanwezigheid van plastics en andere wezensvreemde zaken.
  4. Het strand moest ook weer schoon worden. Hiertoe werden alle zachte delen (spek, vlees, organen) voorzover niet te gebruiken voor onderzoek, afgevoerd (Rendak); het skelet gaat naar Naturalis en flinke delen van de darm naar IMARES; voor het verontreinigde zand is een enorme kuil gegraven met een van de aanwezige shovels: hierin werd aan het eind van de dag het bevuilde zand begraven, vervolgens zal de natuur zijn werk doen.