Nieuws

Melkveebedrijf kan ruim 15 procent meer ruwvoer produceren

Gepubliceerd op
28 februari 2014

Het Ruwvoerplatform heeft berekend dat een gemiddeld melkveebedrijf 15 procent meer ruwvoer kan produceren door juist management. Op veel bedrijven kan met de juiste ondersteuning van adviseurs en leveranciers dus een hogere maïs- en grasopbrengst gerealiseerd worden.

De Nederlandse melkveehouderij heeft de ambitie om vanaf 2015 geleidelijk 15 tot 20 procent meer melk te produceren zonder uitbreiding van het areaal grond. Bij gelijkblijvende ruwvoeropbrengst verhoogt dit de afhankelijkheid van de melkveehouderij van aangekocht voer. Bovendien wordt het onmogelijk om zonder extra mestafvoer binnen milieunormen melk te produceren. Dit zet het financieel rendement onder druk van deze bedrijven door extra kosten van mestafvoer, maar ook door verwachte stijgende voerprijzen. Het is dus belangrijk om een verbeterslag te realiseren in de ruwvoerproductie. Met het juiste management en de juiste ondersteuning door adviseurs en leveranciers kunnen aanzienlijk hogere maïs- en grasopbrengsten bereikt worden dan wat nu in de praktijk wordt gerealiseerd.

Hogere gras- en maïsopbrengsten

Tabel 1 geeft de geschatte ruimte weer voor hogere opbrengsten op droog zand, nat zand en klei. Op zandgrond met een beperkt vocht leverend vermogen (125 mm) is bij gemiddelde weersomstandigheden een maïsopbrengst mogelijk van 17 ton droge stof per hectare.  In de praktijk wordt dit op deze gronden alleen in de topjaren gehaald. De huidige praktijkopbrengsten zijn met 14,6 ton droge stof 16 procent lager dan haalbaar. Ook de grasopbrengsten zijn lager dan wat haalbaar is. De haalbare grasopbrengsten in tabel 1 gelden voor een situatie waarbij 15 procent van de opbrengst als weidegras wordt geoogst en de rest gemaaid wordt. Verder geldt het resultaat voor gemiddelde weersomstandigheden.

tabel 1.JPG

Meer kennis in het veld nodig

Het verschil tussen praktijk en haalbare opbrengsten is afhankelijk van verschillende factoren. Elke ondernemer streeft naar een goed gewas, maar stuit in de praktijk veelal op beperkingen. Referentiewaarden voor gewasopbrengsten ontbreken vaak, zodat de ondernemer zelf niet bewust is van zijn lage opbrengsten. Doorbreken van deze situatie kan door de veehouder in staat te stellen de situatie op zijn bedrijf en op de percelen goed te beoordelen. Hij moet dan beschikken over de juiste kennis en kunde. Het Ruwvoerplatform kan een belangrijke rol spelen bij het ontwikkelen van deze kennis.  

Efficiënter bemesten

Voor de ondernemer is het belangrijk om eerst zijn opbrengstpotentieel voor zijn hele bedrijf per perceel in beeld te brengen. Hierdoor krijgt hij inzichtelijk wat zijn verwachte productie is. Op basis hiervan kan hij zijn mestgift naar behoefte aan passen. Hij gaat dan meer naar een perceelsgerichte bemestingsstrategie en verdeelt hierdoor zijn beschikbare meststoffen beter over zijn bedrijf.