Milieubelasting gewasbescherming glastuinbouw drastisch verlaagd

Nieuws

Milieubelasting gewasbescherming glastuinbouw drastisch verlaagd

Gepubliceerd op
28 februari 2019

Uit een recente studie van Wageningen Economic Research (WUR) en CLM Onderzoek en Advies in opdracht van LTO Glaskracht blijkt dat in 2004-2016 de milieubelasting van toepassing gewasbeschermingsmiddelen op het waterleven met 90-95% is verminderd. Deze afname was vooral een kwestie van middelenkeuze, toepassing van IPM en toelatingsbeleid. "De vele inspanningen van de sector op duurzaam gebruik gewasbeschermingsmiddelen en toepassing van biologische maatregelen komen nu ook in cijfers naar voren", aldus Glastuinbouw Nederland voorzitter Sjaak van der Tak.

Dat de hoeveelheid kg werkzame stof per ha weinig zegt over de milieubelasting blijkt ook uit dit onderzoek. In de glasgroenteteelt is het gebruik van werkzame stof (kg/ha) over de periode 2004–2016 met 40% afgenomen. In de snijbloementeelt is deze met 60% toegenomen. Dit werd gedeeltelijk veroorzaakt door vervanging van stoffen met een hoger kg-verbruik, maar met een veel lagere milieubelasting. Voor het bepalen van de milieubelasting is het middelengebruik in kg daarom gecombineerd met milieubelastingpunten voor spuiwater (substraatteelt) en uitspoeling (grondteelt) voor berekening van de milieubelasting op het waterleven. Ook is rekening gehouden met de hoeveelheid spui. Aanvullend is de milieubelasting op het bodemleven (grondgebonden teelt) en de emissie via luchtramen nagegaan.

Afname emissie

In de periode 2004-2016 is de milieubelasting op waterleven met 90-95% gereduceerd. De milieubelasting op waterleven wordt voor zo'n 90% veroorzaakt door insecticiden. Binnen deze stofgroep zijn 5 à 10 stoffen verantwoordelijk voor 80-90% van de milieubelasting. Bij vruchtgroenten en pot-/perkplanten ligt de milieubelasting ongeveer een factor tien lager dan in snijbloemen. Bij de vruchtgroenten kwam de verwachte afname van de emissie door afnemende spuivolumes niet terug in de gemiddelde emissiepercentages, waarschijnlijk door een toename in druppelmiddelen in deze teelten. Bij de siergewassen was die afname wel zichtbaar. Door de verplichte zuivering van lozingswater per 1 januari 2018 neemt naar verwachting de emissie naar het oppervlaktewater de komende jaren verder af. De milieubelasting door emissie via luchtramen is moeilijk te kwantificeren, omdat deze emissie over onbekende afstanden en gebieden wordt verspreid.

Milieubelasting per eenheid product

De milieubelasting is tevens berekend per eenheid product (verpakkingseenheid in het winkelschap). In 2004–2012 nam de productie per ha redelijk snel toe (ca 10%). Echter in 2012-2016 nam de productie voor de hoofdproducten af. Dit heeft - naar verwachting - te maken met de overgang naar nieuwe, duurzame producttypen. De bijdrage van de productieverhoging aan de milieubelasting per eenheid product is naar verhouding klein. Overstappen naar middelen met een lage milieubelasting draagt meer bij aan verlaging van de milieubelasting per eenheid product. Van der Tak: "De sector wil graag de overstap maken naar meer laag risico middelen. De hoge kosten en het lange toelatingstraject belemmeren dit helaas. Een transitietraject is noodzakelijk voor verdere verduurzaming."

Voor de berekening van de milieubelasting is gebruik gemaakt van de gebruiksgegevens van gewasbeschermingsmiddelen in het Bedrijveninformatienet (BIN) van Wageningen Economic Research in de periode van 2001-2016. BIN bevat een representatieve steekproef van glastuinbouwbedrijven uit de CBS-Landbouwtelling.

> Dit is een persbericht van Glastuinbouw Nederland <