Persbericht

Mobiliteit in agrarische grond noodzakelijk

Gepubliceerd op
4 juli 2014

Meer dan zeventig agrarische grondexperts hebben op 2 juli bij Rabobank Nederland met elkaar gediscussieerd over wat nodig is om beweging te krijgen in de agrarische grondmarkt. Dit heeft geresulteerd in de “Verklaring van de Croeselaan” met vijf statements die het Ministerie van Economische Zaken in ontvangst heeft genomen. De verklaring is ook geadresseerd aan het Ministerie van Financiën en de provincies. De verklaring is ondertekend door de organiserende partijen: het Consortium Verkavelen voor Groei (LTO Nederland, Dienst Landelijk Gebied en het Kadaster) de Rabobank en Wageningen UR.

De expertmeeting werd georganiseerd in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken. De experts waren afkomstig uit (agrarisch) bedrijfsleven, overheid, notariaat, accountantskantoren, grondaankopers en wetenschap.

Vijf statements

In de “Verklaring van de Croeselaan” staan vijf statements om te komen tot een mobiele grondmarkt met duurzaam bodembeheer:

  1. Organiseer gebiedsprocessen met gelijkwaardigheid van belanghebbenden.
  2. Meet en interpreteer bodemvruchtbaarheid en gebruik de resultaten.
  3. Faciliteer nieuwe samenwerking tussen ‘groeiers’  en ‘stoppers’.
  4. Bevorder zorg voor bodemkwaliteit door langdurige pacht.
  5. Zet overheidsgrond in voor gebiedsontwikkeling.

 Veel éénjarige pacht

In het dichtbevolkte Nederland wordt grond steeds schaarser. Jaarlijks wordt slechts anderhalf procent van het totale Nederlandse grondoppervlak verhandeld. De beschikbaarheid van overheidsgronden neemt snel af. Er is daarentegen juist wel veel grond in eigendom bij oudere agrarische ondernemers en bij personen met een hoofdberoep buiten de landbouw. Hiervan wordt veel éénjarig verpacht. Dit komt tegemoet aan de behoefte van snel groeiende bedrijven. Het nadeel is dat het moeilijker wordt om als agrariër grond te vinden in de eigen omgeving tegen een betaalbare prijs. Dit leidt tot een slechte verkaveling. Kavels liggen steeds verder van het bedrijf wat weer leidt tot hogere bewerkingskosten en meer landbouwverkeer op de openbare weg.

De geringe grondmobiliteit heeft bovendien tot gevolg dat de realisatie van belangrijke, publieke opgaven stagneert. Hierbij gaat het om opgaven als Kaderrichtlijn Water (KRW), Natura2000 en infrastructurele opgaven.

Onverantwoord fytosanitair bodembeheer

Op de éénjarig verpachte gronden daalt de bodemvruchtbaarheid. In veel plantaardige sectoren (bollen, pootaardappelen, groenten, boomkwekerij) wordt veel grond éénmalig gehuurd of telen – vaak verschillende - gebruikers in rotatie meerdere gewassen. Ook hier doen zich problemen voor. Het aantal regio's en percelen waarin schadelijke bodemgebonden organismen aanwezig zijn, neemt gestaag toe door onverantwoord fytosanitair bodembeheer.