Onderzoek naar geboorteafname in Oekraïne biedt handvatten voor indammen vergrijzing

Persbericht

Onderzoek naar geboorteafname in Oekraïne biedt handvatten voor indammen vergrijzing

Gepubliceerd op
1 november 2016

Of een Oekraïens gezin ten tijde van de Sovjetoverheersing besloot tot gezinsuitbreiding of juist abortus was sterk regionaal bepaald. Yuliya Hilevych deed ter plekke onderzoek onder families die tussen 1950 en 1975 gezinnen vormden. Dat resulteerde in het proefschrift ‘Strong Families and Declining Fertility: a Comparative Study of Family Relations and Reproductive Careers in Soviet Ukraine’, waarop zij op 2 november aan de Wageningen University & Research met NWO-financiering promoveert.

Yuliya Hilevych onderzocht de rol van de familie en sociale relaties in individuele voortplanting tijdens de periode van dalende geboortecijfers in de Sovjet-Oekraïne tussen ongeveer 1950 en 1975. Deze drie decennia markeren het begin van een latente ontvolking in dit deel van Europa. Personen die waren geboren in een gezin van zes broers en zussen in de jaren 1920 en 1930 brachten toen zij eenmaal getrouwd waren zelf gemiddeld slechts twee kinderen voort in de naoorlogse jaren tot 1975.

Deze periode in Oost-Europa wordt wel de Eerste Demografische Transitie genoemd, die in Oekraïne en andere Europese Sovjetrepublieken voor ontvolking zorgde. De legalisering van abortus in 1955 speelde daar zeker een rol bij. ‘Sommige vrouwen ondergingen wel 18 abortussen in hun leven,’ aldus Hilevych. ‘Maar het aantal abortussen in Oost-Oekraïne was driemaal zo hoog als het aantal geboorten, terwijl dat in het westen van de republiek vrijwel gelijk bleef.’

Yuliya Hilevych bracht in totaal tien maanden door in de Oekraïense steden Lviv (in het westen) en Charkov (in het oosten), die over land zo’n duizend kilometer van elkaar verwijderd liggen. Zij ondervroeg in totaal 33 gezinnen in de ene stad en 33 in de andere, in veel gevallen beide echtgenoten.

De opmerkelijke verandering in bevolkingssamenstelling is kwantitatief eerder onderzocht. Maar Hilevych gebruikte juist kwalitatieve methoden om kwesties zoals abortus, contraceptie en normen rond huwelijk en het krijgen van kinderen boven tafel te krijgen die zij niet met Sovjetstatistieken kon beantwoorden.

Onderzoeksmateriaal ontvreemd

Het verzamelen van data verliep niet zonder slag of stoot want in augustus 2013 werd Yuliya’s laptop ontvreemd met al haar onderzoeksmateriaal erop. Er zat niets anders op dan de gesprekken opnieuw te voeren, hetgeen nog eens bemoeilijkt werd door de uitbraak van de ‘crisis’ in het land in november van dat jaar.

Tussen het westen en oosten van de toenmalige Sovjetrepubliek blijken grote verschillen te bestaan als het gaat om stichting van een gezin in de periode 1950-1975. Voor alle echtparen geldt dat na het eerste kind er lang gewacht werd tot de komst van een tweede: in het westen meestal binnen 7 jaar, maar in het oosten soms meer dan 10 tot 15 jaar. Vaak bleef het daar bij één.

In het westen besliste het echtpaar in gezamenlijkheid over het volgende kind na het eerste. In het oosten beslisten de vrouwen erover en daarbij werd altijd steun gezocht bij de voorgaande generatie, de grootouders. De verschillen tussen ‘horizontale beslissing in de generatie’ (echtpaar) en ‘verticale’ (onder invloed van de ouders), die zo kenmerkend zijn voor de cultuur in de verschillende regio’s, zou de verschillen in bevolkingsgroei kunnen verklaren, aldus Hilevych.

Het onderzoek biedt handvatten voor beleidsmakers om de geboortedaling in te dammen en het proces van vergrijzing in de regio tegen te gaan.