Onderzoek naar plastic in Arctische kabeljauw

Nieuws

Onderzoek naar plastic in Arctische kabeljauw

Gepubliceerd op
28 maart 2018

Een aantal jaren geleden is het vermoeden geuit dat er in de buurt van Svalbard (Spitsbergen) een maalstroom ligt, waar binnendrijvend plastic zwerfvuil uit zuidelijker streken zich ophoopt. Zelfs in zee-ijs kunnen de kleine deeltjes zich verzamelen. Met het smelten van ijs kunnen die deeltjes beschikbaar komen voor organismen die onder het ijs leven en afhankelijk zijn van voedsel dat in en onder het ijs groeit.

Een van deze organismen is de Arctische kabeljauw (Boreogadus saida), een vissoort die in zijn eerste levensjaren onder het zee-ijs leeft. Hier eet hij kleine kreeftachtigen en vormt tegelijkertijd een belangrijke voedselbron voor grotere zeedieren, zoals vogels en zeezoogdieren. Het Arctisch gebied wordt door velen als onaangetast beschouwd. Helaas is het gebied geen afgesloten systeem, maar wordt beïnvloed door de mens. Vervuiling speelt naast klimaatverandering een grote rol.

72 Arctische kabeljauwmagen onderzocht

Om het verband tussen mogelijk plastic in zee-ijs en de opname van plastic in vissen te onderzoeken, werden de magen van 72 Arctische kabeljauwen onderzocht. Twee van de vissen hadden ieder een stukje plastic ingeslikt, dat is gelijk aan 2,8% van de onderzochte dieren. Die gegevens zijn vergelijkbaar met metingen van vissen verder zuidelijk langs de Noorse en Canadese kust.

Uitdagingen tijdens het onderzoek

Bepaalde deeltjes, zogenoemde microvezels uit onder andere kleding, zijn zo licht zijn dat ze door de lucht vliegen. Daarom moet men bij dit soort onderzoek enorm opletten om vervuiling tijdens de maaganalyse te voorkomen. Dit wordt bij verschillende onderzoeken op uiteenlopende manieren gedaan. Maar vaak blijft het onduidelijk of gevonden vezels nou echt uit de maag of uit het lab komen.

Een karakteristiek microvezel in maagmonster, mogelijk pas tijdens het onderzoek in het monster terecht gekomen en niet ingeslikt door de vis (Foto: Anastasia O’Donoghue).
Een karakteristiek microvezel in maagmonster, mogelijk pas tijdens het onderzoek in het monster terecht gekomen en niet ingeslikt door de vis (Foto: Anastasia O’Donoghue).

Het onderzoek zou daardoor een vertekend beeld kunnen geven. Daarom werd tijdens dit onderzoek gekeken hoeveel vezels er tijdens het onderzoek in de monsters terecht konden komen. Hierbij werd duidelijk dat gedurende verschillende stappen in de analyse inderdaad aanzienlijk vervuiling in het monster terecht kwam. Daarom werd besloten om de gevonden vezels in de magen niet mee te tellen bij het aantal ingeslikte plastics. Dat zou een onrealistische en te hoge inschatting van plastic vervuiling hebben opgeleverd.

Plastic als additionele stressfactor

De onderzoeksresultaten tonen aan dat de menselijke invloed het Arctisch gebied heeft bereikt en dat vissen die onder het zee-ijs leven plastic afval tegen kunnen komen. De gevolgen van het inslikken van plastic op een organisme zijn nog onduidelijk. Samen met andere factoren zoals klimaatverandering, toenemende scheepvaart en visserij verhoogt plastic vervuiling mogelijk stress voor dieren in het gevoelige Arctische gebied.

Lees meer in de dossiers