Nieuws

Onderzoek naar ritnaaldenschade bij meerjarige snijmaisteelt gestart

Gepubliceerd op
10 juni 2021

Neemt de schade in mais door ritnaalden toe? Een grasland voorvrucht kan oorzaak zijn maar wat is de rol bij continuteelt van grasachtige vanggewassen? Of hebben we te maken met een nieuwe ritnaaldsoort? Op deze en aanverwante vragen worden in de PPS Ruwvoer, Bodem en Kringlooplandbouw antwoorden gezocht. Reacties met schademeldingen bij meerjarige mais zijn nog steeds welkom.

Ritnaaldschade

Hoe doet de mais het na de afgelopen koude en natte periode? Terwijl sommige mais nog gezaaid moet worden zijn de percelen die wel zijn gezaaid lang onderweg. Mais heeft het sowieso al lastig bij dergelijke temperaturen, zeker als er wat dieper gezaaid is om vogelvraat te voorkomen en er ook nog ritnaalden in het spel zijn.

Oproep om percelen te melden

Vanuit het onderzoeksprogramma van de PPS Ruwvoer, Bodem en Kringlooplandbouw vergelijken we dit jaar op enkele percelen met ritnaaldproblemen een aantal teeltfactoren, zoals type grondbewerking en timing van vernietigen van het vanggewas. Onderzoekers bekijken of dit voldoende bijdraagt aan het beperken van ritnaaldschade. Op andere maispercelen kijken ze de komende periode naar het gedrag van kniptorren (“volwassen ritnaalden”). Beide onderzoeken moeten zorgen voor betere grip op de situatie.

PPS Ruwvoer, Bodem en Kringlooplandbouw doet in 2021, net als vorig jaar, de oproep om percelen te melden waar ritnaalden problemen met de mais geven, en dan vooral percelen waar al meerdere jaren mais staat. Ritnaaldproblemen na grasland scheuren (schade kan voorkomen tot 3 jaar na scheuren) zijn bekend, maar er is nog weinig bekend over het ontstaan van de ritnaaldpopulaties in percelen waar al jaren mais staat.

Neem contact op

Om hier een beter beeld van te krijgen, komt onderzoeker Hilfred Huiting daarom graag in contact met meer partijen (telers, loonwerkers, adviseurs) die te maken hebben met ritnaaldschade in mais, met name op continuteelt percelen.

Om contact op te nemen met onderzoeker Hilfred Huiting kunt u een email sturen of bellen met telefoonnummer +31 (0)6 3036 3065.