Nieuws

Overlast berkenwantsen verwacht aankomende week

Gepubliceerd op
15 augustus 2016

In de buurt van berkenbomen kan er aankomende week overlast ontstaan van de berkenwants met de naam berkensmalsnuit. Het aantal wantsen dat momenteel per katje wordt aangetroffen is op diverse plaatsen vergelijkbaar met 2014 toen er een flinke uitbraak plaats vond met lokaal veel overlast op campings en in huizen. Het aantal wantsen per boom kan oplopen tot een miljoen.

De berkensmalsnuit (Kleidocerys resedae) staat op het punt om uit te zwermen. Veel wantsen hebben het volwassen stadium bereikt en zodra de temperatuur op gaat lopen en het droog is vliegen ze uit op zoek naar een beschutte plaats om te overwinteren. De omstandigheden voor de paring en eiafzet waren door de zeer warme meimaand gunstig. De eitjes worden afgezet in de vrouwelijke katjes. Na het uitkomen van de eitjes zuigen de nimfen (larven) voedingssappen uit de onrijpe en momenteel de rijpe vruchten. Ook volwassen exemplaren doen dit. Momenteel worden wisselende aantallen berkensmalsnuiten aangetroffen variërend tussen de 3 en 14 exemplaren per katje. De hogere aantallen zijn vergelijkbaar met de plaatsen waar in 2014 overlast ontstond. De uitzwermde wantsen blijven niet alleen in de berken maar gaan ook op andere planten zitten en lopen massaal over de grond.

In dit katje zaten 22 berkensmalsnuiten (Bron: Arnold van Vliet)
In dit katje zaten 22 berkensmalsnuiten (Bron: Arnold van Vliet)

Een miljoen wantsen per boom

De mate van overlast die kan ontstaan is naast de huidige weersomstandigheden en het aantal wantsen per katje ook afhankelijk van het aantal katjes per boom en het aantal bomen bij elkaar. Berken hebben van jaar tot jaar een zeer sterk wisselend aantal bloemen. Een indicatie voor het aantal bloemen is te halen uit de pollentellingen van het Leids Universitair Medisch Centrum en het Elkerliek Ziekenhuis in Helmond. Het LUMC telde dit jaar 100 procent meer berkenpollen dan vorig jaar en Elkerliek zelfs 500 procent meer. Ten opzichte van 2014 lag het aantal echter 65 procent (LUMC) en 36 procent (Elkerliek) lager dan in 2014. Tijdens de bloeiperiode viel dit jaar wel 40 procent meer regen dan in 2014 wat het aantal pollen in de lucht negatief beïnvloed kan hebben.

Het aantal katjes per boom verschilt niet alleen tussen jaren maar ook binnen het jaar sterk. In 2014 bleek dat bij 77 berkenbomen in een straat in Wageningen er minimaal 80 tot maximaal 73 duizend katjes aan een boom hingen met een gemiddelde van 13,500. Bij een dichtheid van 3 wantsen per katje kom je dan uit op 40 duizend wantsen per boom. Bij een dichtheid van 14 wantsen kan het aantal wantsen per boom oplopen tot een miljoen.

Niet gevaarlijk, broedzorg

Er zijn diverse soorten berkenwantsen. Naast de berkensmalsnuit kun je de gewone kielwants (Elasmucha grisea) en de berkenschildwants (Elasmostethus interstinctus) tegen komen. Ze zijn geen van allen gevaarlijk voor de volksgezondheid, hooguit steken ze een beetje. Hinderlijk zijn ze wel omdat met name de berkensmalsnuit zoals hierboven beschreven in grote aantallen voor kan komen en massaal kan uitzwermen waarbij ze huizen, tenten, caravans, restaurants etc. binnenkomen. Bij verstoring geven ze ook een zeer onaangename geur af. Verder kunnen mensen schrikken van de wants als ze hem op het eerste gezicht verwarren met een teek.

De larven van de berkensmalsnuit lijken van een afstandje op teken  (Bron: Silvia Hellingman)
De larven van de berkensmalsnuit lijken van een afstandje op teken (Bron: Silvia Hellingman)

Een fascinerend aspect van de gewone kielwants is trouwens dat ze broedzorg hebben. Het vrouwtje beschermt de eieren en jonge nimfen tegen vijanden. De nimfen blijven ook bij elkaar en worden begeleid door hun moeder.

Rond de 40 nimfen van de gewone kielwants bij elkaar op een berkenblad (Bron: Arnold van Vliet)
Rond de 40 nimfen van de gewone kielwants bij elkaar op een berkenblad (Bron: Arnold van Vliet)

Leadfoto: berkensmalsnuiten uit een katje lopen over een hand.