Nieuws

Prijsvorming voedselketens variëert sterk

Gepubliceerd op
22 december 2014

Als het gaat om prijsvorming in de voedselketen bestaan er grote verschillen. Ook zijn er grote verschillen in de brutomarges van de onderzochte producten. Bij bewerkte producten zoals kipfilet en brood is het aandeel in de consumenteneuro van de verwerker meer dan de helft. Bij onbewerkte producten zoals uien en aardappels krijgt de supermarkt tot 68% van de prijs die de consument voor een product betaalt. Dit blijkt uit onderzoek van LEI Wageningen UR in samenwerking met de Universiteit van Utrecht in opdracht van de Autoriteit Consument & Markt (ACM).

Brutomarges voedselketens

De brutomarges per product variëren sterk. In de supermarkt loopt dit percentage uiteen van 16% bij kipfilet in 1 kg-verpakking tot 68% bij uien en appels. Bij de overige producten varieert dit percentage van 36% bij brood tot 60% bij paprika. De primaire producenten krijgen 14% tot 40% van de consumenteneuro. Een relatief laag deel (minder dan 25%) komt terecht bij de akkerbouwer (graan en uien), komkommerteler en vleeskuikenhouder. Relatief veel komt terecht bij de aardappelteler, fruitteler, paprikateler en leghennenhouder. Een hoge bruto marge zegt niks over de winstgevendheid; hoge marges zijn nodig om de hoge kosten te vergoeden.  Veel bedrijven in de voedselketen behalen een winst die lager is dan 3% van de omzet.

Ontwikkeling verkoopprijzen

De risico’s op ongeoorloofde praktijken vanuit mededingingsrechtelijk oogpunt zijn zeer klein. Verkoopprijzen ontwikkelen zich op verschillende manieren. Zo kan het niveau van de prijzen sterk worden beïnvloed door de omvang van de oogst. Bij appels bijvoorbeeld kennen prijzen een jaarlijks cyclisch verloop en reageert de supermarkt op de prijzen van de primaire producent. Bij eieren kijken supermarkten meer naar elkaar dan te reageren op de ontwikkeling in de keten. De prijs van kipfilet is in de basis constant, maar kent veel actieperioden met prijsdalingen.