Proef met maisstro op De Marke

Nieuws

Proef maïsstro op De Marke

Gepubliceerd op
11 oktober 2016

Op De Marke is op enkele percelen mks geoogst waarbij het stro op het land achterblijft. In een proef wordt onderzocht wat het effect is van het achterlaten van stro op een perceel met vanggewas grasonderzaai of stro onderwerken en daarna inzaaien van een vanggewas. Dit stro kan enerzijds dienen als bodemverbeteraar, maar brengt anderzijds ook een uitspoelingsrisico van stikstof met zich mee.

Op De Marke hebben we al vele jaren goede ervaringen met de oogst van maïskolvenschroot (mks). Dit product vervangt in het rantsoen een gedeelte van het krachtvoer waardoor er minder fosfaat wordt aangevoerd. Bij de oogst is bijna twintig jaar gebruik gemaakt van een oogstbek op de hakselaar die de kolf en het stro gescheiden kon oogsten. De kolf gaat als mks naar de hoogproductieve koeien en het structuurrijke en energiearme stro naar het jongvee en de droge koeien. De oogstbek is helemaal versleten en onze loonwerker heeft besloten hem niet te renoveren. Een nieuwe kopen kan niet omdat het geen standaard product is. Er is maar één exemplaar gemaakt.
Er zijn wel standaard kolvenplukkers die zowel op een hakselaar als een maaidorser kunnen. Hiermee kan alleen de kolf geoogst worden en blijft het stro achter op het land. Dit stro kan dienen als bodemverbeteraar omdat er organische stof aan de bodem wordt toegevoegd.

Bewust stro oogsten

In het verleden is op De Marke altijd het stro geoogst, omdat we voer wilden oogsten, maar ook omdat we de uitspoeling van stikstof willen verminderen. Uit het stro kan stikstof vrijkomen die niet vastgehouden wordt in de bodem. Daarnaast kan door het achterblijven van het stro het vanggewas in de groei worden belemmerd. Op De Marke gebruiken we standaard onderzaai van gras als vanggewas omdat die in het najaar een voorsprong heeft ten opzichte van een vanggewas dat pas na de oogst van de maïs wordt gezaaid. Bij dit systeem kan het stro niet worden ondergewerkt.

Proef met maïsstro op het veld

Om het uitspoelingsrisico te kunnen meten hebben we dit jaar een proef met de volgende behandelingen in drie herhalingen aangelegd:
A : stro achterlaten + vanggewas grasonderzaai
B : stro verwijderen + vanggewas grasonderzaai
C : stro onderwerken + vanggewas Italiaans raaigras
D : stro onderwerken + vanggewas rogge

We bepalen hoeveel stro er achterblijft en wat de gehalten daarin zijn. Gedurende de winterperiode wordt maandelijks de hoeveelheid N-min in de bodem geanalyseerd zodat we weten hoeveel stikstof er vrijkomt. Omdat er behandelingen zijn met zowel onderzaai als nazaai kan de ontwikkeling van het vanggewas worden gevolgd. Aan het einde van de winterperiode wordt de opbrengst van het vanggewas gemeten in zowel bovengrondse als ondergrondse delen. We weten dan ook hoeveel stikstof het vanggewas heeft vastgelegd. Dit is belangrijk in van met het voorkomen van hoge nitraatgehalten in het grondwater. We houden u op de hoogte van de resultaten.