Nieuws

Proeven met Lisianthus op substraat afgerond

Gepubliceerd op
12 januari 2017

Van 2014 tot en met 2016 zijn dertien teeltproeven met Lisianthus op substraat uitgevoerd op een areaal van 1000 m2 van het Delphy Improvement Centre. Het doel hierbij was om de emissies te beperken van CO2 (minder stomen, energiezuiniger telen), nutriënten (recirculatie van drainwater in gesloten teelt) en gewasbeschermingsmiddelen (hygiënischer telen).

Aanvankelijk leek het zeer goed mogelijk om fungicidevrij te telen zonder dat er uitval door bodemschimmels optrad. Daarmee leek het alsof het substraat met een korte stoombeurt voldoende kon worden ontsmet om bodemschimmelvrij te blijven. Na zes teelten bleek toch uitval op te treden (Fusarium oxysporum). De teelten daarna nam het uitvalpercentage steeds toe tot meer dan 15% bij de dertiende teelt, zelfs na intensieve bespuiting met fungiciden. Bij de onbespoten vakken was het uitvalpercentage zelfs 40%. De uitval was vrijwel gelijk voor de verschillende substraattypen en belichtingsintensiteiten. Omdat bovendien de gehoopte productieverbetering is uitgebleven, maken de Lisianthustelers pas op de plaats met een toekomstbeeld op substraat.

Bij sommige teelten traden meer brandkoppen op dan in de praktijk. Dat werd soms toegedicht aan de ‘onstuimigheid’ van het kokossubstraat en soms aan de gemiddeld 50% lagere inzet van buiswarmte. Toch is er geen verband gevonden tussen de inzet van warmte of belichting enerzijds en het optreden van brandkoppen anderzijds. Belichting had wel een duidelijke invloed op de productie. In de winterperiode gaf 1% meer PAR-licht zelfs meer dan 1% meerproductie. In de zomerperiode was dit slechts 0,5% meerproductie. Dit komt overigens overeen met de bevindingen uit eerder uitgevoerd fotosynthese-onderzoek.
Bij het recirculeren van drainwater bleef de nutrientensamenstelling stabiel. In de loop van de teelt liep de EC weliswaar op, maar de Natrium-concentratie bleef op een acceptabel niveau. Daarmee blijft het uitvalprobleem de belangrijkste te nemen horde, voordat Lisianthus succesvol in de praktijk op substraat geteeld kan worden.

Dit onderzoek is grotendeels gefinancierd door de programma’s Glastuinbouw Waterproof, Kas als Energiebron en door de kenniscoöperatie Lisianthus.