Recente aanpassingen in het Handboek Bodem en Bemesting

Nieuws

Recente aanpassingen in het Handboek Bodem en Bemesting

Gepubliceerd op
5 april 2016

Het Handboek Bodem en Bemesting is recent aangepast. Het betreft de pH‑adviezen, het magnesiumadvies en de samenstelling en stikstofwerking van organische mest. Het Handboek Bodem en Bemesting biedt concrete adviezen en handvatten over bodembeheer voor telers en adviseurs.

Samenstelling organische mest

De tabel met de gemiddelde samenstelling van een aantal organische-mestsoorten is geactualiseerd. Op basis van de gewijzigde samenstelling zijn ook de kengetallen over de N-werking, de aanvoer van effectieve organische stof (EOS) met mest en de hoeveelheid fosfaat per kg EOS aangepast.

De Commissie Bemesting Grasland en Voedergewassen (CBGV) draagt zorg voor de tabel met de gemiddelde samenstelling van organische-mestsoorten en bespreekt dit met de Commissie Bemesting Akkerbouw/Vollegrondsgroententeelt (CBAV). De CBAV neemt deze tabel over. Verder stelt de CBAV de N-werkingscoëfficiënten vast voor de teelt van akkerbouwgewassen.

pH

pH-KCl is vervangen door pH-CaCl2. De waardering en streefwaarden voor de pH op landbouwgrond waren gebaseerd op de pH-KCl. Tegenwoordig wordt op het merendeel van de landbouwpercelen in Nederland de pH gemeten met de CaCl2-methode (pH-CaCl2). De meetuitslagen van de twee methoden verschillen in geringe mate van elkaar. Bovendien is er een sterke correlatie tussen beide meetuitslagen. Uit de database van Eurofins is een relatie afgeleid tussen beide meetuitslagen en met deze relatie is pH‑KCl omgezet naar pH-CaCl2.

Magnesium

Bij het magnesiumadvies zijn formules weergegeven om Mg-CaCl2 en Mg-CEC om te rekenen naar MgO‑NaCl. De waardering van de magnesiumtoestand van de bodem is gebaseerd op het gehalte MgO in de grond, bepaald na extractie met NaCl. Tegenwoordig wordt magnesium veelal gemeten na extractie met CaCl2. Er is een goede relatie tussen de meetuitslagen van beide methoden. Deze relatie (formule) is bij het advies weergegeven.

Verder wordt ook wel de hoeveelheid magnesium aan het adsorptiecomplex gemeten (Mg‑CEC). Mg‑CaCl2 en Mg-CEC samen geven een iets nauwkeuriger beeld van de magnesiumtoestand van de bodem dan enkel Mg-CaCl2. Ook hiervoor is een omrekenformule naar MgO-NaCl weergegeven.

Het advies voor toepassing van een magnesiumbodemmeststof op basis van grondonderzoek geldt voor dekzand, dalgrond en löss. Voor kleigrond en zeezand geldt geen bodembemestingsadvies op basis van grondonderzoek. Grondonderzoek geeft hier enkel een indicatie over de kans op een magnesiumgebrek.

De grens tussen klei en zand is niet altijd scherp, bijvoorbeeld op overgangsgronden tussen dekzand en klei. Bij twijfel kan het advies voor dekzand op basis van grondonderzoek worden gehanteerd.