Nieuws

Regelmatige aanwezigheid wilde eenden en nabijheid kleigrond risicofactoren vogelgriep

Gepubliceerd op
15 april 2015

Wanneer op een pluimveebedrijf met vrije uitloop regelmatig wilde eenden worden gezien, of wanneer het bedrijf zich op kleigrond bevindt, blijkt er een hoger risico te zijn dat het pluimvee besmet raakt met vogelgriep dan op pluimveebedrijven met vrije uitloop zonder deze factoren.

Dit  blijkt uit een gezamenlijk onderzoek van CVI, Livestock Research en de Gezondheidsdienst voor Dieren naar risicofactoren voor de introductie van laagpathogene vogelgriep (LPAI) op pluimveebedrijven met vrije uitloop.

121 bedrijven met vrije uitloop werden bevraagd en bezocht voor dit onderzoek: 40 bedrijven hiervan hadden ooit te maken gehad met LPAI, de andere 81 niet. De bedrijven waarbij regelmatig wilde eenden in de vrije uitloop  werden gezien hadden  ruim drie keer meer kans op een LPAI-introductie dan  bedrijven waar wilde eenden minder vaak in de vrije uitloop werden gesignaleerd.

Daarnaast bleek het risico op LPAI-introductie voor  bedrijven met vrije uitloop op kleigrond zelfs bijna zes keer hoger te zijn dan voor bedrijven  op andere grondsoorten. Vermoed wordt dat de klei hierbij een indirecte rol speelt; het hogere risico kan te maken hebben met het feit dat wilde watervogels  juist voorkomen bij rivieren en bij de kust waar zich kleigrond bevindt. Dit zou nader onderzocht moeten worden.

Uit het onderzoek kwamen geen andere  risicofactoren naar voren. Om de gevonden associaties uit het onderzoek te onderbouwen is aanvullend onderzoek nodig naar het voorkomen van en het gedrag van wilde (water)vogels in de vrije uitloop en in de nabije omgeving van pluimveebedrijven. Met deze kennis kan bepaald worden welke maatregelen zinvol zijn om de risico‚Äôs op introductie van LPAI te verkleinen.