Nieuws

Sanda Lenzholzer benoemd als hoogleraar landschapsarchitectuur

Gepubliceerd op
10 februari 2020

De raad van bestuur van Wageningen University & Research heeft Sanda Lenzholzer benoemd als hoogleraar en leerstoelhouder Landschapsarchitectuur. Zij volgt prof. Adri van den Brink op, die met pensioen is. De benoeming geldt vanaf 1 februari 2020.

Prof.dr. Lenzholzer werkte eerder als universitair hoofddocent bij de leerstoelgoep Landschapsarchitectuur en ruimtelijke planning, onderdeel van de Environmental Sciences Group (ESG) van Wageningen University & Research. Daarnaast is zij hoofdonderzoeker Advanced Metropolitan Solutions, Amsterdam (AMS instituut).

Sanda Lenzholzer (Bensberg, Duitsland, 1967) was altijd al gefascineerd door steden en landshappen, en besloot daarom Landschapsarchitectuur te studeren aan de Leibniz Universiteit in Hannover. Ze studeerde in 1996 af als ‘Diplom Ingenieur’. Tijdens haar studie werd zij zich bewust van haar belangstelling voor ontwerpen, en in het bijzonder ontwerpen samen met architecten. Kort daarop kreeg ze een beurs van de Duitse academische uitwisselingsdienst (Deutscher Akademischer Austauschdienst - DAAD) die haar in staat stelde het Mastersprogramma ‘Housing and Urbanism’ te volgen op de prestigieuze Architectural Association School in Londen. Na haar afstuderen als Master of Arts in 1998, besloot ze haar onderscheidende expertise in te zetten in de ‘echte wereld’ op het raakvlak van landschapsarchitectuur en stedenbouwkundig ontwerp.


Sanda Lenzholzer werkte voor Nederlandse en Duitse ontwerpbureaus op het brede gebied van landschapsarchitectuur en stedenbouwkundig ontwerp en planning, tot klassieke landschapsontwerpen (bijvoorbeeld Mecanoo, Sant en Co, ST Freiraum). Tegelijkertijd ging ze aan de slag als parttime docent binnen een Duits landschapsarchitectuur programma. Hier ontdekte ze haar didactisch talent en haar passie voor onderzoek. Uiteindelijk leidde dit naar Wageningen University & Research in 2004, waar zij haar promotieonderzoek combineerde met onderwijs.

Verbeteren van het stedelijk klimaat

In haar promotieonderzoek richtte zij zich op een onderwerp dat tot dan toe nauwelijks belicht werd in de Nederlandse academische wereld: Stedelijk klimaat en hoe dit te verbeteren door stedelijk ontwerp. Dit onderwerp heeft de laatste jaren meer belangstelling gekregen, en prof. Lenzholzer is zeer actief betrokken in het wetenschappelijk en maatschappelijk debat over deze materie. Ze heeft breed gepubliceerd in toonaangevende wetenschappelijke tijdschriften, en haar boek over aanpassing van het stedelijke klimaat is meervoudig internationaal bekroond.
Binnen haar huidige onderzoek integreert prof. Lenzholzer stedelijke klimaatwetenschap met stadsplanning en toegepaste ontwerpen gericht op het overbruggen van het ‘implementatie hiaat’ in stedelijke klimaat aanpassingen. Daarnaast brengt zij wetenschap en praktijk dichter bij elkaar door ontwerpbureaus, gemeentelijk bestuur en stadsbesturen te adviseren. Ze ontwikkelde een methodologische theorie op het gebied van ‘Research through Design’ over de cruciale rol van ontwerpen in onderzoeksprocessen om te komen tot nieuwe oplossingen voor stedelijke ontwerp en landschapsarchitectuur. Door het samenbrengen van ‘Research through Design’ en kennis op het gebied van stedelijke klimaatadaptatie kon zij met groot succes projecten verwerven en is zij een graag geziene gast voor key-notes, workshops en masterclasses over de hele wereld.

Stedelijke en landelijke uitdagingen het hoofd bieden

Haar toekomstige onderzoek zal zich vooral richten op steden: verbetering van het stedelijk klimaat, energietransitie, watermanagement, circulaire materiaalstromen, elektrische mobiliteit, zelfrijdende auto’s en digitalisering. Deze uitdagingen het hoofd bieden vereist verstrekkende ruimtelijke aanpassingen, en, om te voorkomen dat onze steden gedurende decennia in een bouwput veranderen, zullen deze zaken op korte termijn en via een integrale aanpak moeten worden opgelost. Samen met haar collega’s bij de leerstoelgroep Landschapsarchitectuur en Ruimtelijke Planning zal zij ook oplossingen genereren voor de uitdagingen waarmee de landelijke gebieden geconfronteerd worden, zoals circulaire landbouw, klimaatadaptatie en energietransitie. Ook deze zaken moeten integraal worden aangepakt. De multi- en transdisciplinaire ‘Research through Design’ aanpak zal de leidende methode zijn om stedelijke en landelijke oplossingen te genereren die elkaar aanvullen om te komen tot een mooiere en meer leefbare omgeving.