Copernicus SENTINEL-2 satellietbeeld van het noordwesten van Sardinië

Nieuws

Satellieten kunnen helpen bij het behoud van biodiversiteit op aarde

Gepubliceerd op
23 juli 2015

Bij het streven naar het behoud van de biodiversiteit op aarde zouden ecologen meer gebruik moeten maken van remote sensing en de kennis van ruimtevaartorganisaties zoals NASA en ESA. Dat stellen remote-sensing-specialisten in een vandaag verschenen commentaar in Nature. “Dat kan goed, want er komen steeds meer satellietbeelden als open data beschikbaar,” zegt Sander Mücher van Alterra Wageningen UR, één van de auteurs.

Foto: Copernicus SENTINEL-2 satellietbeeld van het noordwesten van Sardinië.

Monitoring van de biodiversiteit op aarde is tot op heden vooral gebaseerd op het volgen van soorten, en dan ook vaak nog gefragmenteerd. Daardoor kunnen ontwikkelingen op wereldschaal en in verre uithoeken makkelijk worden gemist. In het verleden was dat ook het geval met het onderzoek naar klimaatverandering. “Daar heeft het gebruik van remote sensing-technieken echter gezorgd voor een enorme verdieping van onze kennis,” zegt Sander Mücher. “Het onderzoek naar de Essential Climate Variables is een mooi voorbeeld van hoe remote sensing-metingen de rapportages van het IPCC ondersteunen. Het meten van biodiversiteit is echter veel lastiger, en remote sensing speelt daarbij tot op heden nog nauwelijks een rol.”

Daar willen de onderzoekers, waaronder ook Andrew Skidmore en Michael Schaepman, verandering in brengen. Op een manier die eerder succesvol bleek bij het onderzoek naar klimaatverandering willen zij ook helpen de biodiversiteit wereldwijd in kaart brengen. Satellietbeelden kunnen goed en snel aantonen waar ter wereld essentiële veranderingen in de biodiversiteit optreden. Daarbij denken ze bijvoorbeeld aan ontwikkelingen in de vegetatie die met satellieten prima te volgen zijn, en waaruit ook conclusies zouden kunnen worden getrokken voor de algehele biodiversiteit ter plaatse.

“Waar het nu om gaat,” zegt Sander Mücher, “is dat we de variabelen en verbanden vaststellen die hierbij een rol spelen, en dat we methoden ontwikkelen om de gegevens van satellieten te vertalen naar voor het beleid bruikbare informatie voor de ontwikkeling van de biodiversiteit op aarde. Als ecologen en remote-sensing-specialisten op dit vlak gaan samenwerken, zouden we binnen 10 jaar een wereldwijd monitoringsysteem kunnen opzetten waarbij satellieten de ontwikkeling van de biodiversiteit bijhouden.”

Lees het volledige commentaar Agree on biodiversity metrics to track from space, gepubliceerd in Nature, 23 juli 2015.