Nieuws

Schade vogelgriep € 3 miljoen per week

Gepubliceerd op
21 december 2016

In meerdere regio’s zijn er momenteel voor pluimveehouders vervoersbeperkingen en andere maatregelen om de in november uitgebroken vogelgriep te bestrijden. Deze maatregelen kosten de pluimveehouders in deze regio’s geld. De grootste schade ontstaat echter doordat niet-EU-landen de grenzen sluiten voor Nederlandse producten. Het gaat dan vooral om de export van broedeieren, pluimveevlees en hoogwaardig fokmateriaal. De schade voor de sector bedraagt 2 tot 3 miljoen euro per week. De totale schade op dit moment, vier weken na de eerste uitbraak, wordt door Wageningen Economic Research geschat op 15 tot 20 miljoen euro.

De afzet van eieren en pluimveevlees in Nederland en de export naar andere Europese landen ondervindt geen noemsenswaardige hinder. Maar de gevolgen zijn groot voor bedrijven die pluimveeproducten exporteren naar landen buiten de EU (zogenaamde derde landen). Veel landen in Afrika en Azië sluiten na een uitbraak van vogelgriep (Hoog Pathogeen Aviaire Influenza) de grenzen voor pluimvee en pluimveeproducten. Dit heeft directe gevolgen voor de afzet en de prijzen op de verschillende markten. Zo heeft Zuid-Afrika, de belangrijkste afzetbestemming van pluimveevlees buiten de EU, haar grenzen gesloten. Een aantal landen importeren geen Nederlandse broedeieren meer. Derde landen sluiten de grens voor fokmateriaal van legrassen (o.a. Indonesië) en fokmateriaal van vleesrassen (meerdere landen in Afrika). De totale schade van het wegvallen van deze markten wordt geschat op 2 tot 3 miljoen per week.

Directe schade

De directe schade voor de bestrijding van de vogelgriep in Nederland wordt geschat op 3 tot 4 miljoen euro. Dit zijn onder andere de kosten van de organisatie van de bestrijding, de waarde van de geruimde dieren, taxaties en destructie. De exporteurs hebben eenmalige kosten voor het terughalen van containers met de pluimveeproducten die onderweg waren naar derde landen die hun grenzen sluiten. De totale kosten tot nu toe (26 november tot 20 december) zijn 15 tot 20 miljoen euro. Ook als er geen extra uitbraken meer bijkomen lopen de kosten op met 2 tot 3 miljoen euro per week, omdat derde landen hun grenzen nog maanden gesloten houden voor pluimvee en pluimveeproducten uit Nederland.

Achtergrondinformatie

De berekeningen hebben betrekking op de directe schade van de ruimingen en maatregelen om de ziekte te bestrijden. Daarnaast is er schade door het wegvallen van markten en lagere opbrengstprijzen. Deze schade is opgebouwd uit de volgende onderdelen:

Bestrijdingskosten:

  • Bestrijdingskosten overheidsapparaat (organisatie, ruimingen, destructie).
  • Vergoedingen pluimveehouders (waarde van de dieren op de geruimde bedrijven).
  • Extra transportkosten in de getroffen regio’s

Afzetmarkten in landen buiten EU:

  • Schade fokbedrijven door exportbelemmeringen
  • Minder afzetmogelijkheden broedeieren en lagere opbrengstprijs
  • Minder afzetmogelijkheden voor pluimveevlees en lagere opbrengstprijzen voor pluimveevlees (vooral poten en bouten) door grenssluitingen derde landen
  • Terughalen containers die onderweg waren naar derde landen.

Op 26 november jl. brak de eerste vogelgriep uit op een bedrijf met vleeseenden in Biddinghuizen. Daarna volgden nog uitbraken in Abbega, Kamperveen, Hiaure en Beneden-Leeuwen. In eerste instantie waren de directe gevolgen voor de pluimveesector beperkt. Er was al een ophokplicht voor leghennen en er kwam geen zogenoemde standstill periode met een algemeen vervoersverbod. Hierdoor ging de handel in eieren, alsook de houderij en de slacht van vleespluimvee gewoon door.