Nieuws

Scherpere keuzes in praktijkonderzoek bollen, bomen en fruit

Gepubliceerd op
12 december 2014

Wageningen UR heeft het praktijkonderzoek in bloembollen, boomkwekerij en fruit moeten inkrimpen. Door de opheffing van het Productschap Tuinbouw was er een structureel tekort op de begroting ontstaan. ‘We moeten scherpere keuzes maken’, zegt manager Bert Pinxterhuis van de business unit Bollen, Bomen & Fruit, ‘maar de sectoren kunnen op ons blijven rekenen.’

Bert Pinxterhuis is duidelijk: ‘De gevolgen van het wegvallen van het Productschap Tuinbouw (PT) zijn aanzienlijk voor ons. Voor een deel kunnen we dit compenseren met nieuwe geldstromen vanuit het bedrijfsleven en regionale fondsen. Omdat dit niet voldoende is om het verlies aan onderzoeksgelden van het PT op te kunnen vangen, waren forse ingrepen onvermijdelijk, waaronder een verlies van 22 arbeidsplaatsen in de business unit Bollen, Bomen en Fruit. Ze doen pijn, maar we gaan met nieuw elan verder. We kunnen nog veel toevoegen aan innovaties en ontwikkelingen in onze sectoren.’

Focus op kerngebieden

‘Wij blijven focussen op kerngebieden waarin we van oudsher uitblinken. Onderzoek naar plantgezondheid blijft bij ons in vertrouwde handen. We blijven bedrijven en overheden ook onverminderd ondersteunen met praktijkgericht onderzoek naar bodemkwaliteit, duurzame bedrijfssystemen, kwaliteit in de keten en teeltoptimalisatie. Op andere thema’s zoeken we nadrukkelijker dan voorheen samenwerking binnen Wageningen UR.’

Samenwerking met externe partijen

De inkrimping leidt ook tot nieuwe samenwerkingsvormen met externe partijen. Zo heeft het adviesbureau Fruitconsult het beheer overgenomen van het proefbedrijf in Randwijk. Pinxterhuis benadrukt dat dit niet betekent dat bedrijven voor onderzoek gebonden zijn aan Fruitconsult. ‘Wij doen daar alle onderzoekshandelingen en als de klant dat wil, kunnen we uitwijken naar een andere locatie. Dankzij de samenwerking met Fruitconsult zijn we in staat een uitstekende Nederlandse demonstratie- en onderzoekslocatie in stand te houden.’

Nieuwe initiatieven

Pinxterhuis ziet een nieuwe manier van werken ontstaan. ‘Zo is er nu een consortium van boomkwekers, fruittelers, afzetbedrijven en adviesgroepen voor een groot onderzoeksprogramma naar appel- en perenrassen. Een ander voorbeeld zijn de grootste gemeenten die nu de krachten bundelen om gebruik te kunnen maken van onze kennis over bomen in een stedelijke omgeving.’

Kijken naar lange-termijnontwikkelingen belangrijk

Eén ding is volgens Pinxterhuis zeker: de behoefte aan onderzoek blijft. Hij adviseert bedrijven daarbij niet alleen te kijken naar de korte termijn. ‘Natuurlijk wil een fruitteler een snelle oplossing als zijn fruit wordt aangetast door de fruitvlieg Drosophila suzukii. Maar laten we samen ook naar de lange-termijnontwikkelingen kijken. Zo zullen bedrijven vroeg of laat substantieel moeten investeren in duurzamer vormen van gewasbescherming of mogelijkheden om arbeid te besparen. Denk daarbij ook aan technische innovaties, zoals de autonome veldspuit of de ‘ziekzoekkar’. Wij blijven de sectoren daarbij ondersteunen met goed onderbouwd wetenschappelijk onderzoek en innovaties om hun internationale concurrentiepositie te verbeteren.’