Nieuws

Slechte vooruitzichten legpluimveehouderij 1e helft 2014

Gepubliceerd op
7 januari 2014

De legpluimveehouderij heeft al sinds maart vorig jaar te maken met zeer lage saldo’s, waardoor sommige bedrijven in liquiditeitsproblemen komen. De combinatie van lage eiprijzen en hoge voerkosten is hier debet aan. Omdat het verwachte herstel van de marktsituatie in de leghennensector is uitgebleven, zijn op verzoek vanuit de pluimveesector voor de 2e keer in een half jaar liquiditeitsuitgangspunten opgesteld.

Deze korte termijn prijsverwachtingen worden opgesteld als de prijzen langdurig beduidend onder het kostprijsniveau liggen (als gevolg van lage opbrengstprijzen en/of hoge voerprijzen). De vorige liquiditeitsprognose liep van augustus 2013 t/m januari 2014. Dit betekent dat er een overlap is tussen beide perioden. De eerder afgegeven prognose voor januari 2014 komt te vervallen met het publiceren van dit document.

Veel legpluimveehouders hebben als gevolg van hoge voerprijzen en lage eierprijzen sinds afgelopen voorjaar te maken met een saldo dat enkele euro’s per hen negatief is. Pluimveehouders met hennen in verrijkte kooien/koloniehuisvesting hebben van maart tot oktober dit jaar te maken gehad met een negatief saldo. Voor scharrelhennen lag het saldo van april tot oktober dit jaar ook ruim onder het nulpunt. Over de hele periode van januari tot en met half december bedroeg het saldo voor kooieieren -€2,22 per 17-weekse hen en voor scharreleieren -€ 1,16. Hoewel de voerprijs in 2013 met ruim € 6 (20%) per 100 kg is gedaald en het saldo sinds oktober weer boven de nullijn zit, is het prijsherstel onvoldoende gebleken om voldoende liquide middelen te genereren. Omdat de prognose is dat er op korte termijn geen zicht is op voldoende hoge opbrengstprijzen, is het nodig om opnieuw korte termijnprijzen in te schatten voor voer en eieren.

Marktontwikkeling en prijsverwachting

Voerprijzen

In januari 2013 hebben de voerprijzen gepiekt en sindsdien zijn ze € 6,- per 100 kg gedaald. De LEI-prijs (excl. BTW) voor legmeel fase II kwam in november op € 28,30 per 100 kg*. De eerstkomende maanden wordt geen verdere daling verwacht. De voerprijs voor legmeel in de periode januari tot en met juni 2014 stellen we vast op gemiddeld € 28,- (excl btw). In de saldoberekening rekenen we vanaf nu met een korting van € 0,50 per 100 kg op de LEI-prijs.

Marktontwikkelingen

Als gevolg van de herstelde eiproductie in Europa daalden de eierprijzen in Nederland vanaf maart met enkele centen per ei. Tot en met augustus waren de prijzen stabiel, maar op een te laag niveau om kostendekkend te kunnen produceren. Sinds september heeft een kleine prijsstijging plaats-gevonden, maar die heeft niet doorgezet, hoewel dat wel verwacht werd. Het aanbod is nog steeds te ruim en de eierprijs ligt bijna een cent lager dan verwacht. De wetgeving heeft een verstorende werking op de markt gehad en het kost tijd om een nieuw evenwicht te bereiken.

De opzet van opfokhennen in Nederland was de eerste 9 maanden van dit jaar bijna 10% lager dan over dezelfde periode in 2012. Dit geldt ook voor het aantal ingelegde broedeieren. Aan de andere kant worden hennen langer aangehouden en zal het aanbod nog op een te hoog niveau blijven. Voor 2013 wordt voor de EU-27 een 2,5% hogere productie van consumptie-eieren geschat vergeleken met 2012. Voor 2014 wordt een minimale afname van 0,4% verwacht.

Kooi-eieren

Op basis van de opzet- en inlegcijfers verwachten we het 1e kwartaal 2014 een voortzetting van het laatste kwartaal in 2013 en waarschijnlijk het 2e kwartaal een lichte verslechtering. Op langere termijn zal de eierprijs weer naar een structureel hogere prijs gaan. Vanuit dit perspectief wordt de verwachte eierprijs voor begrotingen voor de korte termijn (januari-juni 2014) vastgesteld op 5,25 (1e kwartaal ’14) en 5,0 (2e kwartaal ’14) eurocent excl. BTW. Dit is respectievelijk € 0,84 en 0,80 per kg ei.

Kooi/koloniehennen

Scharreleieren

Het prijsverschil tussen kooi- en scharreleieren bedroeg in 2013 gemiddeld 0,85 cent per ei. In de eerste helft van het jaar was het verschil nog 1,2 cent per ei, doordat de prijs van scharrel-eieren later daalde dan die van kooieieren. De 2e helft van 2013 is dit verschil teruggelopen tot  0,5 cent per ei. Naar verwachting zal dit verschil het 1e kwartaal blijven en mogelijk het 2e kwartaal verder teruglopen. Voor scharreleieren wordt dan een prijs van 5,75 (1e kwartaal ’14) en 5,25 (2e kwartaal ’14) cent per ei (excl BTW) verwacht.

Scharrelhennen

De verwachte prijzen gelden van januari tot en met juni 2014. Tabel 1 geeft een specificatie van de verwachting per kwartaal weer.

Tabel 1 Prijs-en saldoverwachtingen