‘Streven naar duurzame logistiek is als bouwen van kathedraal’

Persbericht

‘Streven naar duurzame logistiek is als bouwen van kathedraal’

Gepubliceerd op
8 januari 2015

Een CO2-neutrale toeleveringsketen zonder afvalverliezen is nog een luchtkasteel. De verwezenlijking hiervan is een proces van de lange adem waarin goede ideeën en ervaringen stap voor stap naar duurzaamheid moeten leiden. In haar inaugurale rede bij de aanvaarding van het ambt van persoonlijk hoogleraar Sustainable Logistics Management aan Wageningen University gaat prof.dr. Jacqueline Bloemhof-Ruwaard op 8 januari in op de wijze hoe meerdimensionale oplossingen te vinden in de complexe besluitvorming rond logistieke processen waarin het milieu een factor van betekenis is. “Het is alsof je een kathedraal bouwt”.

Duurzaam logistiek management betekent dat er in de gehele keten van producent tot en met consument aandacht is voor emissie van koolzuurgas en andere broeikasgassen of vervuilende stoffen. Daarnaast dienen verliezen door verspilling, bijvoorbeeld door bederf of afval geminimaliseerd te zijn. Dat geldt zeker ook voor eindige grondstoffen, zoals zilver of fosfaat. Ook mag de economische component van de keten geen schade lijden en dient er respect te zijn voor sociale wensen.

Om deze brede definitie van duurzaamheid in de logistiek te verwezenlijken is een analyse nodig van de hele voedsel- of materialenketen. Het eindresultaat staat niet van te voren vast zoals bij het realiseren van een bouwplan dat volgens een vaste tekening wordt uitgevoerd. “Daarvoor is de logistiek van onze grondstoffen en voedselketen veel te complex geworden,” zegt prof. Bloemhof in haar rede: 'Sustainable Logistics Management: From Castle on the Cloud to Cathedral'. Grondstoffen, energie en (half)fabricaten uit alle werelddelen worden getransporteerd, gemengd en verwerkt tot consumentenproducten. De lange en ingewikkelde agrifood-keten is volgens een rapport van de Rabobank wereldwijd verantwoordelijk voor zeventig procent van het waterverbruik, veertig procent van het grondgebruik en dertig procent van het energieverbruik. Dit staat nog los van het feit dat dertig tot vijftig procent van alle geproduceerde voedsel bedoeld voor menselijk consumptie niet wordt geconsumeerd door mensen. Er is dus nog veel aan duurzaamheid te winnen.

Uitkomst ongewis

Om zulke enorme en complexe stromen van grondstoffen, energie en producten in kaart te brengen is een fundamentele analyse van de gehele keten nodig. Maar dat is nog niet zo eenvoudig. “Er is op dit moment nog geen algemeen geaccepteerde of een minimumstandaard voor duurzaamheid beschikbaar”, licht prof. Bloemhof  toe. “Dat betekent dat bij de start van de analyse van een productketen niet zeker is wat de duurzame uitkomst zal zijn, zoals de bouwers van een Middeleeuwse kathedraal niet wisten hoe hun bouwwerk uiteindelijk zou ogen”, vergelijkt prof. Bloemhof. Wanneer alle componenten in kaart zijn gebracht en hun onderlinge relaties helder, wordt pas duidelijk welke effecten het draaien aan bepaalde knoppen heeft. “Het kan betekenen dat een factor die iemand heel belangrijk vindt, bv lokale productie (in kassen), in het totale traject minder gunstig is, omdat kassenteelt soms meer energie vergt dan globale transportstromen.”

Om voedselketens door te rekenen ontwerpt het onderzoeksteam van prof. Bloemhof wiskundige computermodellen. Door de gegevens over een bepaalde keten hierin te laden kunnen doelen van bijvoorbeeld bedrijven, overheden en milieuorganisaties worden vergeleken met bestaande ijkpunten. Daarop bekijken de onderzoekers hoe de duurzaamheid in die keten stapsgewijs kan worden verbeterd.

Circulaire economie

“De algemene conclusie is steeds dat er voor het complexe duurzaam logistiek management niet één enkele oplossing is die overal, altijd en in elke situatie geldt”, waarschuwt de hoogleraar. “Er is een brede waaier aan oplossingsmogelijkheden die per situatie, land, product of vanwege wetgeving of factoren als uurloon of benzineprijs kunnen verschillen. Ik zie een overgang van de lineaire economie (van de grond tot de mond) naar een circulaire economie met gesloten kringlopen waarbij de grondstoffen komen van hernieuwbare biomassa die vervolgens wordt omgezet in waardevolle producten.”