Telers van glasgroente willen einde aan problemen met Fusarium

Nieuws

Telers onder glas willen einde aan problemen met Fusarium

Gepubliceerd op
17 januari 2019

Fusarium bezorgt heel wat glastelers hoofdbrekens. De schimmel zorgt ervoor dat gewassen als sla, tomaat of phalaenopsis ziek worden of zelfs afsterven. Fusarium is te bestrijden met gewasbeschermingsmiddelen, maar het aantal toegelaten middelen krimpt. Hoog tijd voor actie dus. Wageningen University & Research onderzoekt in opdracht van telers de alternatieve manieren om Fusarium het hoofd te bieden.

Fusarium is een pathogene schimmel en kan zowel bovengronds als ondergronds schade veroorzaken. Fusariumrot tast wortels van planten aan: door schimmelgroei verstoppen vaatbundels en kunnen geen water en voeding meer transporteren. Het gevolg: het gewas verwelkt of sterft zelfs af. Zeker in de slateelt zorgde dit afgelopen jaren voor veel problemen bij telers. Besmette grond of substraat moet dan ook goed ontsmet worden.

Telers van glasgroente willen einde aan problemen met Fusarium

Tot heden zijn er bij een besmetting van Fusarium vaak twee oplossingen toegepast: zieke planten verwijderen of chemische middelen gebruiken. Die laatste oplossing wordt steeds moeilijker: door strengere wetgeving zijn steeds minder middelen toegelaten, Fusarium wordt steeds meer resistent voor sommige middelen én er bestaan veel verschillende varianten van de schimmel. Daarbij komt dat in de groente het gebruik van chemische middelen op bezwaren stuit in de afzet.

Hoog tijd dus om alternatieven te vinden. Dat vinden ook telers van lisianthus en phalaenopsis. Zij vroegen Wageningen University & Research daarnaar op zoek te gaan. Met lisianthus is inmiddels gestart, de proeven met phalaenopsis starten in 2019. Beide onderzoeken worden gefinancierd via een PPS (publiek-private samenwerking) Masterplan Fusarium.

Daarbij worden drie routes onderzocht. Allereerst het gebruik van biologische gewasbeschermingsmiddelen om Fusarium te bestrijden. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van middelen die al commercieel beschikbaar zijn. De tweede route is de plant stimuleren zichzelf beter te verdedigen tegen de schimmel door inzet van zogenaamd elicitors van geïnduceerde resistentie. En de derde route richt zich op de bodemweerbaarheid: kan door bijvoorbeeld het toevoegen van organische stoffen de grond zodanig gemanipuleert worden dat er kans voor besmeting met Fusarium kleiner wordt?